DSV_Strongs(i)
2
H7227
Ik heb vele
H428
dergelijke
H8085 H8804
dingen gehoord
H3605
; gij allen
H5999
zijt moeilijke
H5162 H8764
vertroosters.
3
H7093
Zal er een einde
H7307
zijn aan de winderige
H1697
woorden
H176
? Of
H4100
wat
H4834 H8686
stijft
H3588
u, dat
H6030 H8799
gij [alzo] antwoordt?
4
H595
Zou ik
H1571
ook
H1696 H8762
, als gijlieden, spreken
H3863
, indien
H5315
uw ziel
H3426
ware
H5315
in mijner ziele
H8478
plaats
H4405
? Zou ik woorden
H5921
tegen
H2266 H8686
u samenhopen
H5921
, en zou ik over
H1119
u met
H7218
mijn hoofd
H5128 H8686
schudden?
5
H553 H8762
Ik zou u versterken
H1119
met
H6310
mijn mond
H5205
, en de beweging
H8193
mijner lippen
H2820 H8799
zou zich inhouden.
6
H518
Zo
H1696 H8762
ik spreek
H3511
, mijn smart
H3808
wordt niet
H2820 H8735
ingehouden
H2308 H8799
; en houd ik op
H4100
, wat
H1980 H0
gaat
H4480
er van
H1980 H8799
mij weg?
7
H389
Gewisselijk
H6258
, Hij heeft mij nu
H3811 H8689
vermoeid
H3605
; Gij hebt mijn ganse
H5712
vergadering
H8074 H8689
verwoest.
8
H7059 H8799
Dat Gij mij rimpelachtig gemaakt hebt
H1961 H8804
, is
H5707
tot een getuige
H3585
; en mijn magerheid
H6965 H0
staat
H6965 H8799
tegen mij op
H6030 H8799
, zij getuigt
H6440
in mijn aangezicht.
9
H639
Zijn toorn
H2963 H8804
verscheurt
H7852 H8799
, en Hij haat
H2786 H8804
mij; Hij knerst
H5921
over
H8127
mij met Zijn tanden
H6862
; mijn wederpartijder
H3913 H8799
scherpt
H5869
zijn ogen tegen mij.
10
H6473 H8804
Zij gapen
H6310
met hun mond
H5921
tegen
H5221 H8689
mij; zij slaan
H2781
met smaadheid
H3895
op mijn kinnebakken
H4390 H8691
; zij vervullen zich
H3162
te zamen
H5921
aan mij.
11
H410
God
H413
heeft mij den
H5760
verkeerde
H5462 H8686
overgegeven
H3399 H8804
, en heeft mij afgewend
H5921
in
H3027
de handen
H7563
der goddelozen.
12
H1961 H8804
Ik had
H7961
rust
H6565 H8770
, maar Hij heeft mij verbroken
H6203
, en bij mijn nek
H270 H8804
gegrepen
H6327 H8770
, en mij verpletterd
H4307
; en Hij heeft mij Zich tot een doelwit
H6965 H8686
opgericht.
13
H7228
Zijn schutters
H5437 H8799 H5921
hebben mij omringd
H3629
; Hij heeft mijn nieren
H6398 H8762
doorspleten
H3808
, en niet
H2550 H8799
gespaard
H4845
; Hij heeft mijn gal
H776
op de aarde
H8210 H8799
uitgegoten.
14
H6555 H8799
Hij heeft mij gebroken
H6556
met breuk
H5921 H6440
op
H6556
breuk
H5921
; Hij is tegen
H7323 H8799
mij aangelopen
H1368
als een geweldige.
15
H8242
Ik heb een zak
H5921
over
H1539
mijn huid
H8609 H8804
genaaid
H7161
; ik heb mijn hoorn
H6083
in het stof
H5953 H8782
gedaan.
16
H6440
Mijn aangezicht
H2560 H8777
is gans bemodderd
H4480
van
H1065
wenen
H5921
, en over
H6079
mijn oogleden
H6757
is des doods schaduw.
17
H5921
Daar
H3808
toch geen
H2555
wrevel
H3709
in mijn handen
H8605
is, en mijn gebed
H2134
zuiver is.
18
H776
O, aarde
H3680 H8762
! bedek
H1818
mijn bloed
H408
niet
H2201
; en voor mijn geroep
H1961 H8799
zij
H408
geen
H4725
plaats.
19
H1571
Ook
H6258
nu
H2009
, zie
H8064
, in den hemel
H5707
is mijn Getuige
H7717
, en mijn Getuige
H4791
in de hoogten.
20
H7453
Mijn vrienden
H3887 H8688
zijn mijn bespotters
H5869
; [doch] mijn oog
H1811 H8804
druipt
H413
tot
H433
God.