2 Timothy 2

DSV_Strongs(i)
  1 G4771 Gij G3767 dan G3450 , mijn G5043 zoon G1743 G5744 , word gesterkt G1722 in G5485 de genade G1722 , die in G5547 Christus G2424 Jezus is;
  2 G2532 En G3739 hetgeen G3844 gij van G1700 mij G191 G5656 gehoord hebt G1223 onder G4183 vele G3144 getuigen G3908 G5639 , betrouw G5023 dat G4103 aan getrouwe G444 mensen G3748 , welke G2425 bekwaam G2071 G5704 zullen zijn G2532 om ook G2087 anderen G1321 G5658 te leren.
  3 G4771 Gij G3767 dan G2553 G5657 , lijd verdrukkingen G5613 , als G2570 een goed G4757 krijgsknecht G2424 van Jezus G5547 Christus.
  4 G3762 Niemand G4754 G5734 , die in den krijg dient G1707 G5743 , wordt ingewikkeld G4230 in de handelingen G979 des leeftochts G2443 , opdat G700 G5661 hij dien moge behagen G4758 G5660 , die [hem] tot den krijg aangenomen heeft.
  5 G1161 En G1437 indien G2532 ook G5100 iemand G118 G5725 strijdt G3756 , die wordt niet G4737 G5743 gekroond G1437 , zo G3361 hij niet G3545 wettelijk G118 G5661 heeft gestreden.
  6 G1092 De landman G2872 G5723 , als hij arbeidt G1163 G5748 , moet G4413 alzo eerst G2590 de vruchten G3335 G5721 genieten.
  7 G3539 G5720 Merk G3739 , hetgeen G3004 G5719 ik zeg G1063 ; doch G2962 de Heere G1325 G5630 geve G4671 u G4907 verstand G1722 in G3956 alle dingen.
  8 G3421 G5720 Houd in gedachtenis G2424 , dat Jezus G5547 Christus G1537 uit G3498 de doden G1453 G5772 is opgewekt G1537 , Welke is uit G4690 den zade G1138 Davids G2596 , naar G3450 mijn G2098 Evangelie;
  9 G1722 Om G3739 hetwelk G2553 G5719 ik verdrukkingen lijde G3360 tot G1199 de banden G5613 toe, als G2557 een kwaaddoener G235 ; maar G3056 het Woord G2316 Gods G3756 is niet G1210 G5769 gebonden.
  10 G1223 G5124 Daarom G5278 G5719 verdraag ik G3956 alles G1223 G1588 om de uitverkorenen G2443 , opdat G2532 ook G846 zij G4991 de zaligheid G5177 G5632 zouden verkrijgen G3588 , die G1722 in G5547 Christus G2424 Jezus G3326 is, met G166 eeuwige G1391 heerlijkheid.
  11 G4103 Dit is een getrouw G3056 woord G1063 ; want G1487 indien G4880 G5627 wij met [Hem] gestorven zijn G2532 , zo zullen wij ook G4800 G5692 met [Hem] leven;
  12 G1487 Indien G5278 G5719 wij verdragen G2532 , wij zullen ook G4821 G5692 met [Hem] heersen G1487 ; indien G720 G5736 wij [Hem] verloochenen G2248 , Hij zal ons G2548 ook G720 G5695 verloochenen;
  13 G1487 Indien G569 G5719 wij ontrouw zijn G1565 , Hij G3306 G5719 blijft G4103 getrouw G1410 G5736 ; Hij kan G1438 Zichzelven G3756 niet G720 G5664 verloochenen.
  14 G5279 G Breng G5023 deze dingen G5279 G5720 in gedachtenis G1263 G5740 , en betuig G1799 voor G2962 den Heere G3361 , dat zij geen G3054 G5721 woordenstrijd voeren G1519 , [hetwelk] tot G3762 geen ding G5539 nut G1909 [is], [dan] tot G2692 verkering G191 G5723 der toehoorders.
  15 G4704 G5657 Benaarstig u G4572 , om uzelven G2316 Gode G1384 beproefd G3936 G5658 voor te stellen G2040 , een arbeider G422 , die niet beschaamd wordt G3056 , die het Woord G225 der waarheid G3718 G5723 recht snijdt.
  16 G1161 Maar G4026 G5732 stel u tegen G952 het ongoddelijk G2757 ijdelroepen G1063 ; want G1909 zij zullen in G4119 meerdere G763 goddeloosheid G4298 G5692 toenemen.
  17 G2532 En G846 hun G3056 woord G2192 G5692 G3542 zal voorteten G5613 , gelijk G1044 de kanker G3739 ; onder welke G2076 G5748 is G5211 Hymeneus G2532 en G5372 Filetus;
  18 G3748 Die G4012 van G225 de waarheid G795 G5656 zijn afgeweken G3004 G5723 , zeggende G386 , dat de opstanding G2235 alrede G1096 G5755 geschied is G2532 , en G396 G5719 verkeren G5100 sommiger G4102 geloof.
  19 G3303 G3305 G5104 Evenwel G4731 het vaste G2310 fondament G2316 Gods G2476 G5758 staat G2192 G5723 , hebbende G5026 dit G4973 zegel G2962 : De Heere G1097 G5627 kent G846 degenen, die de Zijnen G5607 G5752 zijn G2532 ; en G3956 : Een iegelijk G3686 , die den Naam G5547 van Christus G3687 G5723 noemt G868 G5628 , sta af G575 van G93 ongerechtigheid.
  20 G1161 Doch G1722 in G3173 een groot G3614 huis G2076 G5748 zijn G3756 niet G3440 alleen G5552 gouden G2532 en G693 zilveren G4632 vaten G235 , maar G2532 ook G3585 houten G2532 en G3749 aarden G2532 [vaten]; en G3739 G3303 sommige G1519 ter G5092 ere G1161 , maar G3739 sommige G1519 ter G819 onere.
  21 G1437 Indien G3767 dan G5100 iemand G1438 zichzelven G575 van G5130 deze G1571 G5661 reinigt G4632 , die zal een vat G2071 G5704 zijn G1519 ter G5092 ere G37 G5772 , geheiligd G2532 en G2173 bekwaam tot gebruik G1203 des Heeren G1519 , tot G3956 alle G18 goed G2041 werk G2090 G5772 toebereid.
  22 G1161 Maar G5343 G5720 vlied G1939 de begeerlijkheden G3512 der jonkheid G1161 ; en G1377 G5720 jaag naar G1343 rechtvaardigheid G4102 , geloof G26 , liefde G1515 , vrede G3326 , met G2962 degenen, die den Heere G1941 G5734 aanroepen G1537 uit G2513 een rein G2588 hart.
  23 G1161 En G3868 G5737 verwerp G2214 de vragen G3474 , die dwaas G2532 en G521 zonder lering G1492 G5761 zijn, wetende G3754 , dat G3163 zij twistingen G1080 G5719 voortbrengen.
  24 G1161 En G1401 een dienstknecht G2962 des Heeren G1163 G5748 moet G3756 niet G3164 G5738 twisten G235 , maar G2261 vriendelijk G1511 G5750 zijn G4314 jegens G3956 allen G1317 , bekwaam om te leren G420 , [en] die de kwaden kan verdragen;
  25 G1722 Met G4236 zachtmoedigheid G3811 G5723 onderwijzende G475 G5734 degenen, die tegenstaan G3361 ; of G846 hun G2316 God G4218 te eniger tijd G3341 bekering G1325 G5632 gave G1519 tot G1922 erkentenis G225 der waarheid;
  26 G2532 En G366 G5661 zij wederom ontwaken mochten G1537 uit G3803 den strik G1228 des duivels G5259 , onder G846 welken G2221 G5772 zij gevangen waren G1519 tot G1565 zijn G2307 wil.