DSV_Strongs(i)
25
H3548
En de priester
H3722 H8765
zal de verzoening doen
H5712
voor de ganse vergadering
H1121
van de kinderen
H3478
Israels
H5545 H8738
, en het zal hun vergeven worden
H7684
; want het was een afdwaling
H7133
, en zij hebben hun offerande
H935 H8689
gebracht
H801
, een vuuroffer
H3068
den HEERE
H2403
, en hun zondoffer
H6440
, voor het aangezicht
H3068
des HEEREN
H7684
, over hun afdwaling.
26
H5712
Het zal dan aan de ganse vergadering
H1121
der kinderen
H3478
Israels
H5545 H8738
vergeven worden
H1616
, ook den vreemdeling
H8432
, die in het midden
H1481 H8802
van henlieden als vreemdeling verkeert
H5971
; want het is het ganse volk
H7684
door dwaling [overkomen].
27
H259
En indien een
H5315
ziel
H7684
door afdwaling
H2398 H8799
gezondigd zal hebben
H1323 H8141
, die zal een eenjarige
H5795
geit
H2403
ten zondoffer
H7126 H8689
offeren.
28
H3548
En de priester
H3722 H8765
zal de verzoening doen
H7683 H8802
over de dwalende
H5315
ziel
H2398 H8800
, als zij gezondigd heeft
H7684
door afdwaling
H6440
, voor het aangezicht
H3068
des HEEREN
H3722 H8763
, doende de verzoening
H5545 H8738
over haar; en het zal haar vergeven worden.
29
H249
Den inboorling
H1121
der kinderen
H3478
Israels
H1616
, en den vreemdeling
H8432
, die in hunlieder midden
H1481 H8802
als vreemdeling verkeert
H259
, enerlei
H8451
wet
H7684
zal ulieden zijn, dengene, die het door afdwaling
H6213 H8802
doet.
30
H5315
Maar de ziel
H6213 H8799
, die iets gedaan zal hebben
H7311 H8802
met opgeheven
H3027
hand
H249
, hetzij van inboorlingen
H4480
of van
H1616
vreemdelingen
H1442 H8764
, die smaadt
H3068
den HEERE
H5315
; en diezelve ziel
H3772 H8738
zal uitgeroeid worden
H7130
uit het midden
H5971
van haar volk;