DSV_Strongs(i)
7
H6629 H2028
Dies heb ik deze slachtschapen
H7462 H8799
geweid
H3651
, dewijl
H6041
zij ellendige
H6629
schapen
H3947 H8799
zijn; en ik heb mij genomen
H8147
twee
H4731
stokken
H259
, den een
H7121 H8804
heb ik genoemd
H5278
LIEFELIJKHEID
H259
, en den anderen
H7121 H8804
heb ik genoemd
H2254 H8802
SAMENBINDERS
H6629
; en ik heb die schapen
H7462 H8799
geweid.
8
H7969
En ik heb drie
H7462 H8802
herders
H259
in een
H3391
maand
H3582 H8686
afgesneden
H5315
; want mijn ziel
H7114 H8799
was over hen verdrietig geworden
H1571
, en ook
H5315
had hun ziel
H973 H8804
een walg van mij.
9
H559 H8799
En ik zeide
H3808
: Ik zal ulieden niet
H7462 H8799
[meer] weiden
H4191 H8801
; wat sterft
H4191 H8799
, dat sterve
H3582 H8737
, en wat afgesneden is
H3582 H8735
, dat zij afgesneden
H7604 H8737
, en dat de overgeblevenen
H802
de een
H7468
des anderen
H1320
vlees
H398 H8799
verslinden.