Bible verses about "beauty of the earth" | DSV_Strongs

Genesis 2:1-25

  1 H3615 [H8792] Alzo zijn volbracht H8064 de hemel H776 en de aarde H3605 , en al H6635 hun heir.
  2 H430 Als nu God H7637 op den zevenden H3117 dag H3615 [H8762] volbracht had H4399 Zijn werk H834 , dat H6213 [H8804] Hij gemaakt had H7673 [H8799] , heeft Hij gerust H7637 op den zevenden H3117 dag H3605 van al H4399 Zijn werk H834 , dat H6213 [H8804] Hij gemaakt had.
  3 H430 En God H7637 heeft den zevenden H3117 dag H1288 [H8762] gezegend H853 , en dien H6942 [H8762] geheiligd H3588 ; omdat H7673 [H8804] Hij op denzelven gerust heeft H3605 van al H4399 Zijn werk H834 , hetwelk H430 God H1254 [H8804] geschapen had H6213 [H8800] , om te volmaken.
  4 H428 Dit H8435 [zijn] de geboorten H8064 des hemels H776 en der aarde H1254 [H8736] , als zij geschapen werden H3117 ; ten dage H3068 als de HEERE H430 God H776 de aarde H8064 en den hemel H6213 [H8800] maakte.
  5 H3605 En allen H7880 struik H7704 des velds H2962 , eer H776 hij in de aarde H1961 [H8799] was H3605 , en al H6212 het kruid H7704 des velds H2962 , eer H6779 [H8799] het uitsproot H3588 ; want H3068 de HEERE H430 God H3808 had niet H4305 [H8689] doen regenen H5921 op H776 de aarde H369 , en er was geen H120 mens H853 [geweest], om den H127 aardbodem H5647 [H8800] te bouwen.
  6 H108 Maar een damp H5927 [H8799] was opgegaan H4480 uit H776 de aarde H8248 [H8689] , en bevochtigde H3605 den gansen H6440 H127 aardbodem.
  7 H3068 En de HEERE H430 God H120 had den mens H3335 [H8799] geformeerd H6083 uit het stof H4480 der H127 aarde H639 , en in zijn neusgaten H5301 [H8799] geblazen H5397 den adem H2416 des levens H1961 [H8799] ; alzo werd H120 de mens H2416 tot een levende H5315 ziel.
  8 H3068 Ook had de HEERE H430 God H1588 een hof H5193 [H8799] geplant H5731 in Eden H6924 , tegen het oosten H7760 [H8799] , en Hij stelde H8033 aldaar H120 den mens H834 , dien H3335 [H8804] Hij geformeerd had.
  9 H3068 En de HEERE H430 God H3605 had alle H6086 geboomte H4480 uit H127 het aardrijk H6779 [H8686] doen spruiten H2530 [H8737] , begeerlijk H4758 voor het gezicht H2896 , en goed H3978 tot spijze H6086 ; en den boom H2416 des levens H8432 in het midden H1588 van den hof H6086 , en de boom H1847 der kennis H2896 des goeds H7451 en des kwaads.
  10 H5104 En een rivier H3318 [H8802] was voortgaande H4480 uit H5731 Eden H1588 , om dezen hof H8248 [H8687] te bewateren H4480 ; en werd van H8033 daar H6504 [H8735] verdeeld H1961 [H8804] , en werd H702 tot vier H7218 hoofden.
  11 H8034 De naam H259 der eerste H6376 [rivier] [is] Pison H1931 ; deze H3605 [is] [het], die het ganse H776 land H2341 van Havila H5437 [H8802] omloopt H834 H8033 , waar H2091 het goud [is].
  12 H2091 En het goud H1931 van dit H776 land H2896 [is] goed H8033 ; daar H916 [is] [ook] bedolah H68 , en de steen H7718 sardonix.
  13 H8034 En de naam H8145 der tweede H5104 rivier H1521 [is] Gihon H1931 ; deze H3605 [is] [het], die het ganse H776 land H3568 Cusch H5437 [H8802] omloopt.
  14 H8034 En de naam H7992 der derde H5104 rivier H2313 [is] Hiddekel H1931 ; deze H1980 [H8802] is gaande naar H6926 het oosten H804 van Assur H7243 . En de vierde H5104 rivier H1931 [is] H6578 Frath.
  15 H3947 [H8799] Zo nam H3068 de HEERE H430 God H120 den mens H3240 [H8686] , en zette hem H1588 in den hof H5731 van Eden H5647 [H8800] , om dien te bouwen H8104 [H8800] , en dien te bewaren.
  16 H3068 En de HEERE H430 God H6680 [H8762] gebood H5921 den H120 mens H559 [H8800] , zeggende H4480 : Van H3605 allen H6086 boom H1588 dezes hofs H398 [H8800] zult gij vrijelijk H398 [H8799] eten;
  17 H4480 Maar van H6086 den boom H1847 der kennis H2896 des goeds H7451 en des kwaads H3808 , daarvan zult gij niet H398 [H8799] eten H3588 ; want H3117 ten dage H4480 , als gij daarvan H398 [H8800] eet H4191 [H8800] , zult gij den dood H4191 [H8799] sterven.
  18 H3068 Ook had de HEERE H430 God H559 [H8799] gesproken H3808 : Het is niet H2896 goed H120 , dat de mens H909 alleen H1961 [H8800] zij H5828 ; Ik zal hem een hulpe H6213 [H8799] maken H5048 , [die] als tegen hem over [zij].
  19 H3068 Want als de HEERE H430 God H4480 uit H127 de aarde H3605 al H2416 het gedierte H7704 des velds H3605 , en al H5775 het gevogelte H8064 des hemels H3335 [H8799] gemaakt had H935 [H8686] , zo bracht Hij H413 die tot H120 Adam H7200 [H8800] , om te zien H4100 , hoe H7121 [H8799] hij ze noemen zou H834 ; en zo als H120 Adam H3605 alle H2416 levende H5315 ziel H7121 [H8799] noemen zoude H1931 , dat H8034 [zou] haar naam [zijn].
  20 H120 Zo had Adam H7121 [H8799] genoemd H8034 de namen H3605 van al H929 het vee H5775 , en van het gevogelte H8064 des hemels H3605 , en van al H2416 het gedierte H7704 des velds H120 ; maar voor den mens H4672 [H8804] vond hij H3808 geen H5828 hulpe H5048 , [die] als tegen hem over [ware].
  21 H5307 H0 Toen deed H3068 de HEERE H430 God H8639 een diepen slaap H5921 op H121 Adam H5307 [H8686] vallen H3462 [H8799] , en hij sliep H3947 [H8799] ; en Hij nam H259 een H4480 van H6763 zijn ribben H5462 [H8799] , en sloot H8478 derzelver plaats H1320 toe [met] vlees.
  22 H3068 En de HEERE H430 God H1129 [H8799] bouwde H6763 de ribbe H834 , die H4480 Hij van H120 Adam H3947 [H8804] genomen had H802 , tot een vrouw H935 [H8686] , en Hij bracht H413 haar tot H120 Adam.
  23 H559 [H8799] Toen zeide H120 Adam H2063 : Deze H6471 [is] ditmaal H6106 been H4480 van H6106 mijn benen H1320 , en vlees H4480 van H1320 mijn vlees H2063 ! Men zal haar H802 Manninne H7121 [H8735] heten H3588 , omdat H2063 zij H4480 uit H376 den man H3947 [H8795] genomen is.
  24 H3651 H5921 Daarom H376 zal de man H1 zijn vader H517 en zijn moeder H5800 [H8799] verlaten H802 , en zijn vrouw H1692 [H8804] aankleven H259 ; en zij zullen tot een H1320 vlees H1961 [H8799] zijn.
  25 H1961 [H8799] En zij waren H8147 beiden H6174 naakt H120 , Adam H802 en zijn vrouw H954 [H8709] ; en zij schaamden zich H3808 niet.

Genesis 1:26-28

  26 H430 En God H559 [H8799] zeide H6213 H0 : Laat Ons H120 mensen H6213 [H8799] maken H6754 , naar Ons beeld H1823 , naar Onze gelijkenis H7287 [H8799] ; en dat zij heerschappij hebben H1710 over de vissen H3220 der zee H5775 , en over het gevogelte H8064 des hemels H929 , en over het vee H3605 , en over de gehele H776 aarde H3605 , en over al H7431 het kruipend gedierte H5921 , dat op H776 de aarde H7430 [H8802] kruipt.
  27 H430 En God H1254 [H8799] schiep H120 den mens H6754 naar Zijn beeld H6754 ; naar het beeld H430 van God H1254 [H8804] schiep Hij H853 hem H2145 ; man H5347 en vrouw H1254 [H8804] schiep Hij H853 ze.
  28 H430 En God H1288 [H8762] zegende H853 hen H430 , en God H559 [H8799] zeide H6509 [H8798] tot hen: Weest vruchtbaar H7235 [H8798] , en vermenigvuldigt H4390 [H8798] , en vervult H776 de aarde H3533 [H8798] , en onderwerpt haar H7287 [H8798] , en hebt heerschappij H1710 over de vissen H3220 der zee H5775 , en over het gevogelte H8064 des hemels H3605 , en over al H2416 het gedierte H5921 , dat op H776 de aarde H7430 [H8802] kruipt!

Genesis 1:1-31

  1 H7225 In den beginne H1254 [H8804] schiep H430 God H853 den H8064 hemel H853 en de H776 aarde.
  2 H776 De aarde H1961 [H8804] nu was H8414 woest H922 en ledig H2822 , en duisternis H5921 H6440 [was] op H8415 den afgrond H7307 ; en de Geest H430 Gods H7363 [H8764] zweefde H5921 H6440 op H4325 de wateren.
  3 H430 En God H559 [H8799] zeide H1961 [H8799] : Daar zij H216 licht H1961 [H8799] ! en daar werd H216 licht.
  4 H430 En God H7200 [H8799] zag H853 het H216 licht H3588 , dat H2896 het goed H430 [was]; en God H914 [H8686] maakte scheiding H996 tussen H216 het licht H996 en tussen H2822 de duisternis.
  5 H430 En God H7121 [H8799] noemde H216 het licht H3117 dag H2822 , en de duisternis H7121 [H8804] noemde Hij H3915 nacht H1961 H0 . Toen was H6153 het avond H1961 [H8799] geweest H1961 H0 , en het was H1242 morgen H1961 [H8799] geweest H259 , de eerste H3117 dag.
  6 H430 En God H559 [H8799] zeide H1961 [H8799] : Daar zij H7549 een uitspansel H8432 in het midden H4325 der wateren H1961 [H8799] ; en dat make H914 [H8688] scheiding H996 tussen H4325 wateren H4325 en wateren!
  7 H430 En God H6213 [H8799] maakte H7549 dat uitspansel H914 [H8686] , en maakte scheiding H996 tussen H4325 de wateren H834 , die H8478 onder H7549 het uitspansel H996 [zijn], en tussen H4325 de wateren H834 , die H5921 boven H7549 het uitspansel H1961 [H8799] [zijn]. En het was H3651 alzo.
  8 H430 En God H7121 [H8799] noemde H7549 het uitspansel H8064 hemel H1961 H0 . Toen was H6153 het avond H1961 [H8799] geweest H1961 H0 , en het was H1242 morgen H1961 [H8799] geweest H8145 , de tweede H3117 dag.
  9 H430 En God H559 [H8799] zeide H4325 : Dat de wateren H8478 van onder H8064 den hemel H413 in H259 een H4725 plaats H6960 [H8735] vergaderd worden H3004 , en dat het droge H7200 [H8735] gezien worde H1961 [H8799] ! En het was H3651 alzo.
  10 H430 En God H7121 [H8799] noemde H3004 het droge H776 aarde H4723 , en de vergadering H4325 der wateren H7121 [H8804] noemde Hij H3220 zeeen H430 ; en God H7200 [H8799] zag H3588 , dat H2896 het goed [was].
  11 H430 En God H559 [H8799] zeide H776 : Dat de aarde H1876 [H8686] uitschiete H1877 grasscheutjes H6212 , kruid H2233 H2232 [H8688] zaadzaaiende H6529 , vruchtbaar H6086 geboomte H6213 [H8802] , dragende H6529 vrucht H4327 naar zijn aard H834 , welks H2233 zaad H5921 daarin zij op H776 de aarde H1961 [H8799] ! En het was H3651 alzo.
  12 H776 En de aarde H3318 [H8686] bracht voort H1877 grasscheutjes H6212 , kruid H2233 H2232 [H8688] zaadzaaiende H4327 naar zijn aard H6529 H6213 [H8802] , en vruchtdragend H6086 geboomte H2233 , welks H4327 zaad daarin was, naar zijn aard H430 . En God H7200 [H8799] zag H3588 , dat H2896 het goed [was].
  13 H1961 H0 Toen was H6153 het avond H1961 [H8799] geweest H1961 H0 , en het was H1242 morgen H1961 [H8799] geweest H7992 , de derde H3117 dag.
  14 H430 En God H559 [H8799] zeide H3974 : Dat er lichten H1961 [H8799] zijn H7549 in het uitspansel H8064 des hemels H914 [H8687] , om scheiding te maken H996 tussen H3117 den dag H996 en tussen H3915 den nacht H1961 [H8799] ; en dat zij zijn H226 tot tekenen H4150 en tot gezette tijden H3117 , en tot dagen H8141 en jaren!
  15 H1961 [H8799] En dat zij zijn H3974 tot lichten H7549 in het uitspansel H8064 des hemels H215 [H8687] , om licht te geven H5921 op H776 de aarde H1961 [H8799] ! En het was H3651 alzo.
  16 H430 God H6213 [H8799] dan maakte H8147 die twee H1419 grote H3974 lichten H1419 ; dat grote H3974 licht H4475 tot heerschappij H3117 des daags H6996 , en dat kleine H3974 licht H4475 tot heerschappij H3915 des nachts H3556 ; ook de sterren.
  17 H430 En God H5414 [H8799] stelde H853 ze H7549 in het uitspansel H8064 des hemels H215 [H8687] , om licht te geven H5921 op H776 de aarde.
  18 H4910 [H8800] En om te heersen H3117 op den dag H3915 , en in den nacht H914 [H8687] , en om scheiding te maken H996 tussen H216 het licht H996 en tussen H2822 de duisternis H430 . En God H7200 [H8799] zag H3588 , dat H2896 het goed [was].
  19 H1961 H0 Toen was H6153 het avond H1961 [H8799] geweest H1961 H0 , en het was H1242 morgen H1961 [H8799] geweest H7243 , de vierde H3117 dag.
  20 H430 En God H559 [H8799] zeide H4325 : Dat de wateren H8317 [H8799] overvloediglijk voortbrengen H8318 een gewemel H2416 van levende H5315 zielen H5775 ; en het gevogelte H5774 [H8787] vliege H5921 boven H776 de aarde H5921 H6440 , in H7549 het uitspansel H8064 des hemels!
  21 H430 En God H1254 [H8799] schiep H1419 de grote H8577 walvissen H3605 , en alle H2416 levende H7430 [H8802] wremelende H5315 ziel H834 , welke H4325 de wateren H8317 [H8804] overvloediglijk voortbrachten H4327 , naar haar aard H3605 ; en alle H3671 gevleugeld H5775 gevogelte H4327 naar zijn aard H430 . En God H7200 [H8799] zag H3588 , dat H2896 het goed [was].
  22 H430 En God H1288 [H8762] zegende H853 ze H559 [H8800] , zeggende H6509 [H8798] : Zijt vruchtbaar H7235 [H8798] , en vermenigvuldigt H4390 [H8798] , en vervult H4325 de wateren H3220 in de zeeen H5775 ; en het gevogelte H7235 [H8799] vermenigvuldige H776 op de aarde!
  23 H1961 H0 Toen was H6153 het avond H1961 [H8799] geweest H1961 H0 , en het was H1242 morgen H1961 [H8799] geweest H2549 , de vijfde H3117 dag.
  24 H430 En God H559 [H8799] zeide H776 : De aarde H3318 H0 brenge H2416 levende H5315 zielen H3318 [H8686] voort H4327 , naar haar aard H929 , vee H7431 , en kruipend H2416 , en wild gedierte H776 der aarde H4327 , naar zijn aard H1961 [H8799] ! En het was H3651 alzo.
  25 H430 En God H6213 [H8799] maakte H2416 het wild gedierte H776 der aarde H4327 naar zijn aard H929 , en het vee H4327 naar zijn aard H3605 , en al H7431 het kruipend gedierte H127 des aardbodems H4327 naar zijn aard H430 . En God H7200 [H8799] zag H3588 , dat H2896 het goed [was].
  26 H430 En God H559 [H8799] zeide H6213 H0 : Laat Ons H120 mensen H6213 [H8799] maken H6754 , naar Ons beeld H1823 , naar Onze gelijkenis H7287 [H8799] ; en dat zij heerschappij hebben H1710 over de vissen H3220 der zee H5775 , en over het gevogelte H8064 des hemels H929 , en over het vee H3605 , en over de gehele H776 aarde H3605 , en over al H7431 het kruipend gedierte H5921 , dat op H776 de aarde H7430 [H8802] kruipt.
  27 H430 En God H1254 [H8799] schiep H120 den mens H6754 naar Zijn beeld H6754 ; naar het beeld H430 van God H1254 [H8804] schiep Hij H853 hem H2145 ; man H5347 en vrouw H1254 [H8804] schiep Hij H853 ze.
  28 H430 En God H1288 [H8762] zegende H853 hen H430 , en God H559 [H8799] zeide H6509 [H8798] tot hen: Weest vruchtbaar H7235 [H8798] , en vermenigvuldigt H4390 [H8798] , en vervult H776 de aarde H3533 [H8798] , en onderwerpt haar H7287 [H8798] , en hebt heerschappij H1710 over de vissen H3220 der zee H5775 , en over het gevogelte H8064 des hemels H3605 , en over al H2416 het gedierte H5921 , dat op H776 de aarde H7430 [H8802] kruipt!
  29 H430 En God H559 [H8799] zeide H2009 : Ziet H3605 , Ik heb ulieden al H2233 H2232 [H8802] het zaadzaaiende H6212 kruid H5414 [H8804] gegeven H834 , dat H5921 H6440 op H3605 de ganse H776 aarde H853 [is], en H3605 alle H6086 geboomte H834 , in hetwelk H2233 H2232 [H8802] zaadzaaiende H6086 H6529 boomvrucht H1961 [H8799] is; het zij H402 u tot spijze!
  30 H3605 Maar aan al H2416 het gedierte H776 der aarde H3605 , en aan al H5775 het gevogelte H8064 des hemels H3605 , en aan al H7430 [H8802] het kruipende gedierte H5921 op H776 de aarde H834 , waarin H2416 een levende H5315 ziel H3605 [is], [heb] [Ik] al H3418 het groene H6212 kruid H402 tot spijze H1961 [H8799] [gegeven]. En het was H3651 alzo.
  31 H430 En God H7200 [H8799] zag H3605 al H834 wat H6213 [H8804] Hij gemaakt had H2009 , en ziet H3966 , [het] [was] zeer H2896 goed H1961 H0 . Toen was H6153 het avond H1961 [H8799] geweest H1961 H0 , en het was H1242 morgen H1961 [H8799] geweest H8345 , de zesde H3117 dag.

Psalms 24:1

  1 H4210 Een psalm H1732 van David H776 . De aarde H3068 is des HEEREN H4393 , mitsgaders haar volheid H8398 , de wereld H3427 [H8802] , en die daarin wonen.

Psalms 139:14

  14 H3034 [H8686] Ik loof H3372 [H8737] U, omdat ik op een heel vreselijke wijze H6395 [H8738] wonderbaarlijk gemaakt ben H6381 [H8737] ; wonderlijk H4639 zijn Uw werken H3045 [H8802] ! ook weet H5315 het mijn ziel H3966 zeer wel.

1 Corinthians 2:9

  9 G235 Maar G2531 gelijk G1125 [G5769] geschreven is G3788 : Hetgeen het oog G3756 niet G1492 [G5627] heeft gezien G2532 , en G3775 het oor G3756 niet G191 [G5656] heeft gehoord G2532 , en G1909 in G2588 het hart G444 des mensen G3756 niet G305 [G5627] is opgeklommen G3739 , hetgeen G2316 God G2090 [G5656] bereid heeft G846 dien, die Hem G25 [G5723] liefhebben.

Genesis 1:1

  1 H7225 In den beginne H1254 [H8804] schiep H430 God H853 den H8064 hemel H853 en de H776 aarde.

Psalms 23:2-3

  2 H7257 [H8686] Hij doet mij nederliggen H1877 in grazige H4999 weiden H5095 [H8762] ; Hij voert mij zachtjes H4496 aan zeer stille H4325 wateren.
  3 H7725 [H8787] Hij verkwikt H5315 mijn ziel H5148 [H8686] ; Hij leidt H4570 mij in het spoor H6664 der gerechtigheid H8034 , om Zijns Naams wil.

Job 12:7-9

  7 H199 En waarlijk H7592 [H8798] , vraag H4994 toch H929 de beesten H3384 [H8686] , en elkeen van die zal het u leren H5775 ; en het gevogelte H8064 des hemels H5046 [H8686] , dat zal het u te kennen geven.
  8 H176 Of H7878 [H8798] spreek H776 tot de aarde H3384 [H8686] , en zij zal het u leren H1709 ; ook zullen het u de vissen H3220 der zee H5608 [H8762] vertellen.
  9 H4310 Wie H3045 [H8804] weet H3808 niet H3605 uit alle H428 deze H3588 , dat H3027 de hand H3068 des HEEREN H2063 dit H6213 [H8804] doet?

Isaiah 40:26

  26 H5375 [H8798] Heft H5869 uw ogen H4791 op omhoog H7200 [H8798] , en ziet H1254 [H8804] , Wie deze dingen geschapen heeft H4557 ; Die in getal H6635 hun heir H3318 [H8688] voortbrengt H8034 ; Die ze alle bij name H7121 [H8799] roept H7230 , vanwege de grootheid H202 [Zijner] krachten H533 , en [omdat] Hij sterk H3581 van vermogen H376 is; er wordt er niet een H5737 [H8738] gemist.

Isaiah 65:17

  17 H1254 [H8802] Want ziet, Ik schep H2319 nieuwe H8064 hemelen H2319 en een nieuwe H776 aarde H7223 ; en de vorige H2142 [H8735] dingen zullen niet [meer] gedacht worden H3820 , en zullen in het hart H5927 [H8799] niet opkomen.

Psalms 50:2

  2 H6726 Uit Sion H4359 , de volkomenheid H3308 der schoonheid H3313 H0 , verschijnt H430 God H3313 [H8689] blinkende.

Ecclesiastes 3:11

  11 H3303 Hij heeft ieder ding schoon H6213 [H8804] gemaakt H6256 op zijn tijd H5769 ; ook heeft Hij de eeuw H3820 in hun hart H5414 [H8804] gelegd H1097 , zonder dat H120 een mens H4639 het werk H430 , dat God H6213 [H8804] gemaakt heeft H4672 [H8799] , kan uitvinden H7218 , van het begin H5490 tot het einde toe.

Romans 1:20

  20 G1063 Want G846 Zijn G517 onzienlijke dingen G575 worden, van G2937 de schepping G2889 der wereld G4161 aan, uit de schepselen G2529 [G5743] verstaan G3539 [G5746] en doorzien G3739 G5037 , beide G846 Zijn G126 eeuwige G1411 kracht G2532 en G2305 Goddelijkheid G1519 , opdat G846 zij G379 niet te verontschuldigen G1511 [G5750] zouden zijn.

Psalms 33:5

  5 H157 H0 Hij heeft H6666 gerechtigheid H4941 en gericht H157 [H8802] lief H776 ; de aarde H4390 [H8804] is vol H2617 van de goedertierenheid H3068 des HEEREN.

Psalms 104:1-35

  1 H1288 [H8761] Loof H3068 den HEERE H5315 , mijn ziel H3068 ! O HEERE H430 , mijn God H3966 ! Gij zijt zeer H1431 [H8804] groot H3847 [H8804] , Gij zijt bekleed H1935 met majesteit H1926 en heerlijkheid.
  2 H5844 [H8802] Hij bedekt Zich H216 met het licht H8008 , als met een kleed H5186 [H8802] ; Hij rekt H8064 den hemel H3407 uit als een gordijn.
  3 H5944 Die Zijn opperzalen H7136 [H8764] zoldert H4325 in de wateren H5645 , Die van de wolken H7398 Zijn wagen H7760 [H8802] maakt H3671 , Die op de vleugelen H7307 des winds H1980 [H8764] wandelt.
  4 H6213 [H8802] Hij maakt H4397 Zijn engelen H7307 geesten H8334 [H8764] , Zijn dienaars H3857 [H8802] tot een vlammend H784 vuur.
  5 H776 Hij heeft de aarde H3245 [H8804] gegrond H4349 op haar grondvesten H5769 ; zij zal nimmermeer H5703 noch eeuwiglijk H4131 [H8735] wankelen.
  6 H8415 Gij hadt ze met den afgrond H3830 als een kleed H3680 [H8765] overdekt H4325 ; de wateren H5975 [H8799] stonden H2022 boven de bergen.
  7 H4480 Van H1606 Uw schelden H5127 [H8799] vloden zij H2648 [H8735] , zij haastten zich H6963 weg voor de stem H7482 Uws donders.
  8 H2022 De bergen H5927 [H8799] rezen op H1237 , de dalen H3381 [H8799] daalden H4725 , ter plaatse H2088 , die H3245 [H8804] Gij voor hen gegrond hadt.
  9 H1366 Gij hebt een paal H7760 [H8804] gesteld H5674 [H8799] , dien zij niet overgaan zullen H776 ; zij zullen de aarde H7725 [H8799] niet weder H3680 [H8763] bedekken.
  10 H4599 Die de fonteinen H7971 [H8764] uitzendt H5158 door de dalen H2022 , dat zij tussen de gebergten H1980 [H8762] henen wandelen.
  11 H8248 [H8686] Zij drenken H2416 al het gedierte H7704 des velds H6501 ; de woudezels H7665 [H8799] breken H6772 er hun dorst [mede].
  12 H7931 [H8799] Bij dezelve woont H5775 het gevogelte H8064 des hemels H6963 , een stem H5414 [H8799] gevende H996 van tussen H6073 de takken.
  13 H8248 [H8688] Hij drenkt H2022 de bergen H5944 uit Zijn opperzalen H776 ; de aarde H7646 [H8799] wordt verzadigd H6529 van de vrucht H4639 Uwer werken.
  14 H2682 Hij doet het gras H6779 [H8688] uitspruiten H929 voor de beesten H6212 , en het kruid H5656 tot dienst H120 des mensen H3899 , doende het brood H776 uit de aarde H3318 [H8687] voortkomen.
  15 H3196 En den wijn H3824 , die het hart H582 des mensen H8055 [H8762] verheugt H6440 , doende het aangezicht H6670 [H8687] blinken H8081 van olie H3899 ; en het brood H3824 , dat het hart H582 des mensen H5582 [H8799] sterkt.
  16 H6086 De bomen H3068 des HEEREN H7646 [H8799] worden verzadigd H730 , de cederbomen H3844 van Libanon H5193 [H8804] , die Hij geplant heeft;
  17 H6833 Alwaar de vogeltjes H7077 [H8762] nestelen H2624 ; des ooievaars H1004 huis H1265 zijn de dennebomen.
  18 H1364 De hoge H2022 bergen H3277 zijn voor de steenbokken H5553 ; de steenrotsen H4268 zijn een vertrek H8227 voor de konijnen.
  19 H3394 Hij heeft de maan H6213 [H8804] gemaakt H4150 tot de gezette tijden H8121 , de zon H3045 [H8804] weet H3996 haar ondergang.
  20 H7896 [H8799] Gij beschikt H2822 de duisternis H3915 , en het wordt nacht H2416 , in denwelken al het gedierte H3293 des wouds H7430 [H8799] uittreedt:
  21 H3715 De jonge leeuwen H7580 [H8802] , briesende H2964 om een roof H400 , en om hun spijs H410 van God H1245 [H8763] te zoeken.
  22 H8121 De zon H2224 [H8799] opgaande H622 [H8735] , maken zij zich weg H7257 [H8799] , en liggen neder H4585 in hun holen.
  23 H120 De mens H3318 [H8799] gaat [dan] uit H6467 tot zijn werk H5656 , en naar zijn arbeid H6153 tot den avond toe.
  24 H7231 [H8804] Hoe groot H4639 zijn Uw werken H3068 , o HEERE H2451 ! Gij hebt ze alle met wijsheid H6213 [H8804] gemaakt H776 ; het aardrijk H4390 [H8804] is vol H7075 van Uw goederen.
  25 H3220 Deze zee H1419 , die groot H7342 en wijd H3027 van ruimte H7431 is, daarin is het wriemelende gedierte H4557 , en dat zonder getal H6996 , kleine H2416 gedierten H1419 met grote.
  26 H1980 [H8762] Daar wandelen H591 de schepen H3882 , [en] de Leviathan H3335 [H8804] , dien Gij geformeerd hebt H7832 [H8763] , [om] daarin te spelen.
  27 H7663 [H8762] Zij allen wachten H400 op U, dat Gij [hun] hun spijze H5414 [H8800] geeft H6256 te zijner tijd.
  28 H5414 [H8799] Geeft Gij H3950 [H8799] ze hun, zij vergaderen H3027 ze; doet Gij Uw hand H6605 [H8799] open H2896 , zij worden met goed H7646 [H8799] verzadigd.
  29 H5641 [H8686] Verbergt Gij H6440 Uw aangezicht H926 [H8735] , zij worden verschrikt H7307 ; neemt Gij hun adem H622 [H8799] weg H1478 [H8799] , zij sterven H7725 [H8799] , en zij keren weder H6083 tot hun stof.
  30 H7971 [H8762] Zendt Gij H7307 Uw Geest H1254 [H8735] uit, zo worden zij geschapen H2318 [H8762] , en Gij vernieuwt H6440 het gelaat H127 des aardrijks.
  31 H3519 De heerlijkheid H3068 des HEEREN H5769 zij tot in der eeuwigheid H3068 ; de HEERE H8055 [H8799] verblijde Zich H4639 in Zijn werken.
  32 H776 Als Hij de aarde H5027 [H8688] aanschouwt H7460 [H8799] , zo beeft zij H2022 ; als Hij de bergen H5060 [H8799] aanroert H6225 [H8799] , zo roken zij.
  33 H3068 Ik zal den HEERE H7891 [H8799] zingen H2416 in mijn leven H430 ; ik zal mijn God H2167 [H8762] psalmzingen H5750 , terwijl ik nog ben.
  34 H7879 Mijn overdenking H6149 [H8799] van Hem zal zoet zijn H3068 ; ik zal mij in den HEERE H8055 [H8799] verblijden.
  35 H2400 De zondaars H776 zullen van de aarde H8552 [H8735] verdaan worden H7563 , en de goddelozen H1288 [H8761] zullen niet meer zijn. Loof H3068 den HEERE H5315 , mijn ziel H1984 H3050 [H8761] ! Hallelujah!

Genesis 1:31

  31 H430 En God H7200 [H8799] zag H3605 al H834 wat H6213 [H8804] Hij gemaakt had H2009 , en ziet H3966 , [het] [was] zeer H2896 goed H1961 H0 . Toen was H6153 het avond H1961 [H8799] geweest H1961 H0 , en het was H1242 morgen H1961 [H8799] geweest H8345 , de zesde H3117 dag.

John 1:3

  3 G3956 Alle dingen G1223 zijn door G846 Hetzelve G1096 [G5633] gemaakt G2532 , en G5565 zonder G846 Hetzelve G3761 is geen G1520 ding G1096 [G5633] gemaakt G1096 [G5754] , dat gemaakt is.

Psalms 19:1

  1 H4210 Een psalm H1732 van David H5329 [H8764] , voor den opperzangmeester H8064 . [019:2] De hemelen H5608 [H8764] vertellen H410 Gods H3519 eer H7549 , en het uitspansel H5046 [H8688] verkondigt H3027 Zijner handen H4639 werk.

Colossians 1:16-17

  16 G3754 Want G1722 door G846 Hem G3956 zijn alle dingen G2936 [G5681] geschapen G1722 , die in G3772 de hemelen G2532 en G1909 die op G1093 de aarde G3707 zijn, die zienlijk G2532 en G517 die onzienlijk G1535 zijn, hetzij G2362 tronen G1535 , hetzij G2963 heerschappijen G1535 , hetzij G746 overheden G1535 , hetzij G1849 machten G3956 ; alle dingen G1223 zijn door G846 Hem G2532 en G1519 tot G846 Hem G2936 [G5769] geschapen;
  17 G2532 En G2076 [G5748] Hij is G4253 voor G3956 alle dingen G2532 , en G3956 alle dingen G4921 [G5758] bestaan te zamen G1722 door G846 Hem;

Topical data is from OpenBible.info, retrieved November 11, 2013, and licensed under a Creative Commons Attribution License.