Psalms 132

DSV_Strongs(i)
  1 H7892 Een lied H4609 Hammaaloth H3068 . O HEERE H2142 [H8798] ! gedenk aan H1732 David H6031 [H8793] , aan al zijn lijden;
  2 H3068 Dat hij den HEERE H7650 [H8738] gezworen heeft H46 , den Machtige H3290 Jakobs H5087 [H8804] gelofte gedaan heeft, [zeggende]:
  3 H168 Zo ik in de tent H1004 mijns huizes H935 [H8799] inga H6210 , zo ik op de koets H3326 van mijn bed H5927 [H8799] klimme!
  4 H5869 Zo ik mijn ogen H8153 slaap H5414 [H8799] geve H6079 , mijn oogleden H8572 sluimering;
  5 H3068 Totdat ik voor den HEERE H4725 een plaats H4672 [H8799] gevonden zal hebben H4908 , woningen H46 voor den Machtige H3290 Jakobs!
  6 H8085 [H8804] Ziet, wij hebben van haar gehoord H672 in Efratha H4672 [H8804] ; wij hebben haar gevonden H7704 in de velden H3293 van Jaar.
  7 H4908 Wij zullen in Zijn woningen H935 [H8799] ingaan H7812 [H8691] , wij zullen ons nederbuigen H1916 voor de voetbank H7272 Zijner voeten.
  8 H6965 [H8798] Sta op H3068 , HEERE H4496 ! tot Uw rust H727 , Gij en de ark H5797 Uwer sterkte!
  9 H3548 Dat Uw priesters H3847 [H8799] bekleed worden H6664 met gerechtigheid H2623 , en dat Uw gunstgenoten H7442 [H8762] juichen.
  10 H7725 H0 Weer H6440 het aangezicht H4899 Uws Gezalfden H7725 [H8686] niet af H1732 , om Davids H5650 , Uws knechts wil.
  11 H3068 De HEERE H1732 heeft David H571 de waarheid H7650 [H8738] gezworen H7725 [H8799] , waarvan Hij niet wijken zal H6529 , [zeggende]: Van de vrucht H990 uws buiks H3678 zal Ik op uw troon H7896 [H8799] zetten.
  12 H1121 Indien uw zonen H1285 Mijn verbond H8104 [H8799] zullen houden H5713 , en Mijn getuigenissen H2090 H2097 [H8675] , die H3925 [H8762] Ik hun leren zal H1121 ; zo zullen ook hun zonen H5703 tot in eeuwigheid H3678 op uw troon H3427 [H8799] zitten.
  13 H3068 Want de HEERE H6726 heeft Sion H977 [H8804] verkoren H183 [H8765] , Hij heeft het begeerd H4186 tot Zijn woonplaats, [zeggende]:
  14 H4496 Dit is Mijn rust H5703 tot in eeuwigheid H3427 [H8799] , hier zal Ik wonen H183 [H8765] , want Ik heb ze begeerd.
  15 H6718 Ik zal haar kost H1288 [H8763] rijkelijk H1288 [H8762] zegenen H34 , haar nooddruftigen H3899 zal Ik met brood H7646 [H8686] verzadigen.
  16 H3548 En haar priesters H3468 zal Ik met heil H3847 [H8686] bekleden H2623 , en haar gunstgenoten H7444 [H8763] zullen zeer H7442 [H8762] juichen.
  17 H1732 Daar zal Ik David H7161 een hoorn H6779 [H8686] doen uitspruiten H4899 ; Ik heb voor Mijn Gezalfde H5216 een lamp H6186 [H8804] toegericht.
  18 H341 [H8802] Ik zal zijn vijanden H1322 met schaamte H3847 [H8686] bekleden H5145 ; maar op hem zal zijn kroon H6692 [H8686] bloeien.