Leviticus 15

DSV_Strongs(i)
  1 H1696 [H8762] Verder sprak H3068 de HEERE H4872 tot Mozes H175 en tot Aaron H559 [H8800] , zeggende:
  2 H1696 [H8761] Spreekt H1121 tot de kinderen H3478 Israels H559 [H8804] , en zegt H376 tot hen: Een ieder H376 man H2100 [H8802] , als hij vloeiende zal zijn H1320 uit zijn vlees H2101 , zal om zijn vloed H2931 onrein zijn.
  3 H2932 Dit nu zal zijn onreinigheid H2101 om zijn vloed H1320 zijn: zo zijn vlees H2101 zijn vloed H7325 [H8804] uitzevert H1320 , of zijn vlees H2101 van zijn vloed H2856 [H8689] zich verstopt H2932 , dat is zijn onreinigheid.
  4 H4904 Alle leger H2100 [H8802] , waarop hij, die den vloed heeft H7901 [H8799] , zal liggen H2930 [H8799] , zal onrein zijn H3627 , en alle tuig H3427 [H8799] , waarop hij zal zitten H2930 [H8799] , zal onrein zijn.
  5 H376 Een ieder H4904 ook, die zijn leger H5060 [H8799] zal aanroeren H899 , zal zijn klederen H3526 [H8762] wassen H4325 , en zich met water H7364 [H8804] baden H2930 [H8804] , en zal onrein zijn H6153 tot aan den avond.
  6 H3627 En die op dat tuig H3427 [H8802] zit H2100 [H8802] , waarop hij, die den vloed heeft H3427 [H8799] , gezeten zal hebben H899 , zal zijn klederen H3526 [H8762] wassen H4325 , en zich met water H7364 [H8804] baden H2930 [H8804] , en zal onrein zijn H6153 tot aan den avond.
  7 H1320 En die het vlees H2100 [H8802] desgenen, die den vloed heeft H5060 [H8802] , aanroert H899 , zal zijn klederen H3526 [H8762] wassen H4325 , en zich met water H7364 [H8804] baden H2930 [H8804] , en onrein zijn H6153 tot aan den avond.
  8 H2100 [H8802] Als ook hij, die den vloed heeft H2889 , op een reine H7556 [H8799] zal gespogen hebben H899 , dan zal hij zijn klederen H3526 [H8765] wassen H4325 , en zal zich met water H7364 [H8804] baden H2930 [H8804] , en onrein zijn H6153 tot aan den avond.
  9 H4817 Insgelijks alle zadel H2100 [H8802] , waarop hij, die den vloed heeft H7392 [H8799] , zal gereden hebben H2930 [H8799] , zal onrein zijn.
  10 H5060 [H8802] En al wie iets aanroert H2930 [H8799] , dat onder hem zal geweest zijn, zal onrein zijn H6153 tot aan den avond H5375 [H8802] ; en die hetzelve draagt H899 , zal zijn klederen H3526 [H8762] wassen H4325 , en zich met water H7364 [H8804] baden H2930 [H8804] , en onrein zijn H6153 tot aan den avond.
  11 H2100 [H8802] Daartoe een ieder, wien hij, die den vloed heeft H5060 [H8799] , zal aangeroerd hebben H3027 , zonder zijn handen H4325 met water H7857 [H8804] gespoeld te hebben H899 , die zal zijn klederen H3526 [H8765] wassen H4325 , en zich met water H7364 [H8804] baden H2930 [H8804] , en onrein zijn H6153 tot aan den avond.
  12 H2789 Ook het aarden H3627 vat H2100 [H8802] , hetwelk hij, die den vloed heeft H5060 [H8799] , zal aangeroerd hebben H7665 [H8735] , zal gebroken worden H6086 ; maar alle houten H3627 vat H4325 zal met water H7857 [H8735] gespoeld worden.
  13 H2100 [H8802] Als hij nu, die den vloed heeft H2101 , van zijn vloed H2891 [H8799] gereinigd zal zijn H2893 , zo zal hij tot zijn reiniging H7651 zeven H3117 dagen H5608 [H8804] voor zich tellen H899 , en zijn klederen H3526 [H8765] wassen H1320 , en hij zal zijn vlees H2416 met levend H4325 water H7364 [H8804] baden H2891 [H8804] , zo zal hij rein zijn.
  14 H8066 En op den achtsten H3117 dag H8147 zal hij voor zich twee H8449 tortelduiven H8147 of twee H1121 jonge H3123 duiven H3947 [H8799] nemen H6440 ; en zal voor het aangezicht H3068 des HEEREN H6607 , aan de deur H168 van de tent H4150 der samenkomst H935 [H8804] komen H3548 , en zal ze den priester H5414 [H8804] geven.
  15 H3548 En de priester H6213 [H8804] zal die bereiden H259 , een H2403 ten zondoffer H259 , en een H5930 ten brandoffer H3548 ; zo zal de priester H6440 over hem voor het aangezicht H3068 des HEEREN H2101 , vanwege zijn vloed H3722 [H8765] , verzoening doen.
  16 H376 Verder een man H2233 , als van hem het zaad H7902 des bijliggens H3318 [H8799] zal uitgegaan zijn H1320 , die zal zijn ganse vlees H4325 met water H7364 [H8804] baden H2930 [H8804] , en onrein zijn H6153 tot aan den avond.
  17 H899 Ook alle kleed H5785 , en alle vel H2233 , aan hetwelk het zaad H7902 des bijliggens H4325 wezen zal, dat zal met water H3526 [H8795] gewassen worden H2930 [H8804] , en onrein zijn H6153 tot aan den avond.
  18 H802 Mitsgaders de vrouw H376 , als een man H2233 met het zaad H7902 des bijliggens H7901 [H8799] bij haar gelegen zal hebben H4325 ; daarom zullen zij zich met water H7364 [H8804] baden H2930 [H8804] , en onrein zijn H6153 tot aan den avond.
  19 H802 Maar als een vrouw H2100 [H8802] vloeiende zijn zal H2101 , zijnde haar vloed H1818 van bloed H1320 in haar vlees H7651 , zo zal zij zeven H3117 dagen H5079 in haar afzondering zijn H5060 [H8802] ; en al wie haar aanroert H2930 [H8799] , zal onrein zijn H6153 tot aan den avond.
  20 H5079 En al hetgeen, waarop zij in haar afzondering H7901 [H8799] zal gelegen hebben H2930 [H8799] , zal onrein zijn H3427 [H8799] ; mitsgaders alles, waarop zij zal gezeten hebben H2930 [H8799] , zal onrein zijn.
  21 H4904 En al wie haar leger H5060 [H8802] aanroert H899 , zal zijn klederen H3526 [H8762] wassen H4325 , en zich met water H7364 [H8804] baden H2930 [H8804] , en onrein zijn H6153 tot aan den avond.
  22 H3627 Ook al wie enig tuig H3427 [H8799] , waarop zij gezeten zal hebben H5060 [H8802] , aanroert H899 , zal zijn klederen H3526 [H8762] wassen H4325 , en zich met water H7364 [H8804] baden H2930 [H8804] , en onrein zijn H6153 tot aan den avond.
  23 H4904 Zelfs indien het op het leger H3627 geweest zal zijn, of op het tuig H3427 [H8802] , waarop zij zat H5060 [H8800] , als hij dat aanroerde H2930 [H8799] , hij zal onrein zijn H6153 tot aan den avond.
  24 H376 Insgelijks zo iemand H7901 [H8800] zekerlijk H7901 [H8799] bij haar gelegen heeft H5079 , dat haar afzondering H7651 op hem zij, zo zal hij zeven H3117 dagen H2930 [H8804] onrein zijn H4904 ; daartoe alle leger H7901 [H8799] , waarop hij zal gelegen hebben H2930 [H8799] , zal onrein zijn.
  25 H802 Wanneer ook een vrouw H7227 , vele H3117 dagen H3808 buiten H6256 den tijd H5079 harer afzondering H2101 , van den vloed H1818 haars bloeds H2100 [H8799] vloeien zal H2100 [H8799] , of wanneer zij vloeien zal H5921 boven H5079 hare afzondering H3117 , zij zal al den dagen H2101 van den vloed H2932 harer onreinigheid H3117 , als in de dagen H5079 harer afzondering H2931 onrein zijn.
  26 H4904 Alle leger H3117 , waarop zij al de dagen H2101 haars vloeds H7901 [H8799] gelegen zal hebben H4904 , zal haar zijn als het leger H5079 harer afzondering H3627 ; en alle tuig H3427 [H8799] , waarop zij zal gezeten hebben H2931 , zal onrein zijn H2932 , naar de onreinigheid H5079 harer afzondering.
  27 H5060 [H8802] En zo wie die dingen aanroert H2930 [H8799] , zal onrein zijn H899 ; daarom zal hij zijn klederen H3526 [H8765] wassen H4325 , en zich met water H7364 [H8804] baden H2930 [H8804] , en onrein zijn H6153 tot aan den avond.
  28 H2101 Maar als zij van haar vloed H2891 [H8804] rein wordt H7651 , dan zal zij voor zich zeven H3117 dagen H5608 [H8804] tellen H310 , daarna H2891 [H8799] zal zij rein zijn.
  29 H8066 En op den achtsten H3117 dag H8147 zal zij voor zich twee H8449 tortelduiven H8147 , of twee H1121 jonge H3123 duiven H3947 [H8799] nemen H3548 , en zij zal die tot den priester H935 [H8689] brengen H6607 , aan de deur H168 van de tent H4150 der samenkomst.
  30 H3548 Dan zal de priester H259 een H2403 ten zondoffer H259 en een H5930 ten brandoffer H6213 [H8804] bereiden H3548 ; en de priester H2101 zal voor haar, van den vloed H2932 harer onreinigheid H3722 [H8765] , verzoening doen H6440 voor het aangezicht H3068 des HEEREN.
  31 H1121 Alzo zult gij de kinderen H3478 Israels H5144 [H8689] afzonderen H2932 van hun onreinigheid H2932 ; opdat zij in hun onreinigheid H4191 [H8799] niet sterven H4908 , als zij Mijn tabernakel H8432 , die in het midden H2930 [H8763] van hen is, verontreinigen zouden.
  32 H8451 Dit is de wet H2100 [H8802] desgenen, die den vloed heeft H2233 , en van wien het zaad H7902 der bijligging H3318 [H8799] uitgaat H2930 [H8800] ; zodat hij daardoor onrein wordt;
  33 H1739 Mitsgaders van een zwakke H5079 vrouw in haar afzondering H2101 , en van degene, die van zijn vloed H2100 [H8802] is vloeiende H2145 , voor een man H5347 , en voor een vrouw H376 ; en voor een man H2931 , die bij een onreine H7901 [H8799] zal gelegen hebben.