DSV_Strongs(i)
1
H3068
De HEERE
H7200 H8689
deed mij zien
H8147
, en ziet, er waren twee
H1736 H8384
vijgenkorven
H3259 H8716
, gezet
H6440
voor
H1964
den tempel
H3068
des HEEREN
H310
; nadat
H5019
Nebukadnezar
H4428
, koning
H894
van Babel
H1540 H8687
, gevankelijk had weggevoerd
H3204
Jechonia
H1121
, den zoon
H3079
van Jojakim
H4428
, den koning
H3063
van Juda
H8269
, mitsgaders de vorsten
H3063
van Juda
H2796
, en de timmerlieden
H4525
, en de smeden
H3389
van Jeruzalem
H894
, en hen te Babel
H935 H8686
gebracht had.
2
H259
[In] den enen
H1731
korf
H3966
waren zeer
H2896
goede
H8384
vijgen
H1073
, als de eerste rijpe
H8384
vijgen
H259
zijn; maar [in] den anderen
H1731
korf
H3966
waren zeer
H7451
boze
H8384
vijgen
H7455
, die vanwege de boosheid
H398 H8735
niet konden gegeten worden.
3
H3068
En de HEERE
H559 H8799
zeide
H7200 H8802
tot mij: Wat ziet gij
H3414
, Jeremia
H559 H8799
? En ik zeide
H8384
: Vijgen
H2896
; de goede
H8384
vijgen
H3966
zijn zeer
H2896
goed
H7451
, en de boze
H3966
zeer
H7451
boos
H7455
, die vanwege de boosheid
H398 H8735
niet kunnen gegeten worden.
5
H559 H8804
Zo zegt
H3068
de HEERE
H430
, de God
H3478
Israels
H2896
: Gelijk die goede
H8384
vijgen
H5234 H8686
, alzo zal Ik kennen
H1546
de gevankelijk weggevoerden
H3063
van Juda
H4725
, die Ik uit deze plaats
H776
naar het land
H3778
der Chaldeen
H7971 H8765
heb weggeschikt
H2896
, ten goede.
6
H5869
En Ik zal Mijn oog
H7760 H8804
op hen stellen
H2896
ten goede
H7725 H8689
, en zal hen wederbrengen
H776
in dit land
H1129 H8804
; en Ik zal hen bouwen
H2040 H8799
, en niet afbreken
H5193 H8804
; en zal hen planten
H5428 H8799
, en niet uitrukken.
7
H3820
En Ik zal hun een hart
H5414 H8804
geven
H3045 H8800
om Mij te kennen
H3068
, dat Ik de HEERE
H5971
ben; en zij zullen Mij tot een volk
H430
zijn, en Ik zal hun tot een God
H3820
zijn; want zij zullen zich tot Mij met hun ganse hart
H7725 H8799
bekeren.
8
H7451
En gelijk de boze
H8384
vijgen
H7455
, die vanwege de boosheid
H398 H8735
niet kunnen gegeten worden
H559 H8804
(want aldus zegt
H3068
de HEERE
H5414 H8799
), alzo zal Ik maken
H6667
Zedekia
H4428
, den koning
H3063
van Juda
H8269
, mitsgaders zijn vorsten
H7611
, en het overblijfsel
H3389
van Jeruzalem
H776
, die in dit land
H7604 H8737
zijn overgebleven
H776 H4714
, en die in Egypteland
H3427 H8802
wonen;
9
H5414 H8804
En Ik zal hen overgeven
H2189 H8675 H2113
tot een beroering
H7451
ten kwade
H4467
, allen koninkrijken
H776
der aarde
H2781
; tot smaadheid
H4912
, en tot een spreekwoord
H8148
, tot een spotrede
H7045
, en tot een vloek
H4725
, in al de plaatsen
H5080 H8686
, waarhenen Ik hen gedreven zal hebben;