Jeremiah 24

DSV_Strongs(i)
  1 H3068 De HEERE H7200 [H8689] deed mij zien H8147 , en ziet, er waren twee H1736 H8384 vijgenkorven H3259 [H8716] , gezet H6440 voor H1964 den tempel H3068 des HEEREN H310 ; nadat H5019 Nebukadnezar H4428 , koning H894 van Babel H1540 [H8687] , gevankelijk had weggevoerd H3204 Jechonia H1121 , den zoon H3079 van Jojakim H4428 , den koning H3063 van Juda H8269 , mitsgaders de vorsten H3063 van Juda H2796 , en de timmerlieden H4525 , en de smeden H3389 van Jeruzalem H894 , en hen te Babel H935 [H8686] gebracht had.
  2 H259 [In] den enen H1731 korf H3966 waren zeer H2896 goede H8384 vijgen H1073 , als de eerste rijpe H8384 vijgen H259 zijn; maar [in] den anderen H1731 korf H3966 waren zeer H7451 boze H8384 vijgen H7455 , die vanwege de boosheid H398 [H8735] niet konden gegeten worden.
  3 H3068 En de HEERE H559 [H8799] zeide H7200 [H8802] tot mij: Wat ziet gij H3414 , Jeremia H559 [H8799] ? En ik zeide H8384 : Vijgen H2896 ; de goede H8384 vijgen H3966 zijn zeer H2896 goed H7451 , en de boze H3966 zeer H7451 boos H7455 , die vanwege de boosheid H398 [H8735] niet kunnen gegeten worden.
  4 H3068 Toen geschiedde des HEEREN H1697 woord H559 [H8800] tot mij, zeggende:
  5 H559 [H8804] Zo zegt H3068 de HEERE H430 , de God H3478 Israels H2896 : Gelijk die goede H8384 vijgen H5234 [H8686] , alzo zal Ik kennen H1546 de gevankelijk weggevoerden H3063 van Juda H4725 , die Ik uit deze plaats H776 naar het land H3778 der Chaldeen H7971 [H8765] heb weggeschikt H2896 , ten goede.
  6 H5869 En Ik zal Mijn oog H7760 [H8804] op hen stellen H2896 ten goede H7725 [H8689] , en zal hen wederbrengen H776 in dit land H1129 [H8804] ; en Ik zal hen bouwen H2040 [H8799] , en niet afbreken H5193 [H8804] ; en zal hen planten H5428 [H8799] , en niet uitrukken.
  7 H3820 En Ik zal hun een hart H5414 [H8804] geven H3045 [H8800] om Mij te kennen H3068 , dat Ik de HEERE H5971 ben; en zij zullen Mij tot een volk H430 zijn, en Ik zal hun tot een God H3820 zijn; want zij zullen zich tot Mij met hun ganse hart H7725 [H8799] bekeren.
  8 H7451 En gelijk de boze H8384 vijgen H7455 , die vanwege de boosheid H398 [H8735] niet kunnen gegeten worden H559 [H8804] [want aldus zegt H3068 de HEERE H5414 [H8799] ], alzo zal Ik maken H6667 Zedekia H4428 , den koning H3063 van Juda H8269 , mitsgaders zijn vorsten H7611 , en het overblijfsel H3389 van Jeruzalem H776 , die in dit land H7604 [H8737] zijn overgebleven H776 H4714 , en die in Egypteland H3427 [H8802] wonen;
  9 H5414 [H8804] En Ik zal hen overgeven H2189 H2113 [H8675] tot een beroering H7451 ten kwade H4467 , allen koninkrijken H776 der aarde H2781 ; tot smaadheid H4912 , en tot een spreekwoord H8148 , tot een spotrede H7045 , en tot een vloek H4725 , in al de plaatsen H5080 [H8686] , waarhenen Ik hen gedreven zal hebben;
  10 H7971 [H8765] En Ik zal onder hen zenden H2719 het zwaard H7458 , den honger H1698 en de pestilentie H8552 [H8800] , totdat zij verteerd zullen zijn H127 uit het land H1 , dat Ik hun en hun vaderen H5414 [H8804] gegeven had.