Ezra 8

DSV_Strongs(i)
  1 H428 Dit H7218 nu zijn de hoofden H1 hunner vaderen H3187 [H8692] , met hun geslachtsrekening H5973 , die met H4480 mij uit H894 Babel H5927 [H8802] optogen H4438 , onder het koninkrijk H4428 van den koning H783 Arthahsasta.
  2 H4480 Van H1121 de kinderen H6372 van Pinehas H1647 , Gersom H4480 ; van H1121 de kinderen H385 van Ithamar H1840 , Daniel H4480 ; van H1121 de kinderen H1732 van David H2407 , Hattus.
  3 H4480 Van H1121 de kinderen H7935 van Sechanja H4480 , van H1121 de kinderen H6551 van Paros H2148 , Zacharja H5973 ; en met H3187 [H8692] hem werden bij geslachtsregisters gerekend H2145 , aan manspersonen H3967 , honderd H2572 en vijftig.
  4 H4480 Van H1121 de kinderen H6355 van Pahath-moab H454 , Eljehoenai H1121 , de zoon H2228 van Zerahja H5973 ; en met H3967 hem tweehonderd H2145 manspersonen.
  5 H4480 Van H1121 de kinderen H7935 van Sechanja H1121 , de zoon H3166 van Jahaziel H5973 ; en met H7969 H3967 hem driehonderd H2145 manspersonen.
  6 H4480 En van H1121 de kinderen H5720 van Adin H5651 , Ebed H1121 , de zoon H3129 van Jonathan H5973 ; en met H2572 hem vijftig H2145 manspersonen.
  7 H4480 En van H1121 de kinderen H5867 van Elam H3470 , Jesaja H1121 , de zoon H6271 van Athalja H5973 ; en met H7657 hem zeventig H2145 manspersonen.
  8 H4480 En van H1121 de kinderen H8203 van Sefatja H2069 , Zebadja H1121 , de zoon H4317 van Michael H5973 ; en met H8084 hem tachtig H2145 manspersonen.
  9 H4480 En van H1121 de kinderen H3097 van Joab H5662 , Obadja H1121 , de zoon H3171 van Jehiel H5973 ; en met H3967 hem tweehonderd H8083 H6240 en achttien H2145 manspersonen.
  10 H4480 En van H1121 de kinderen H8019 van Selomith H1121 , de zoon H3131 van Josifja H5973 ; en met hem H3967 honderd H8346 en zestig H2145 manspersonen.
  11 H4480 En van H1121 de kinderen H893 van Babai H2148 , Zacharja H1121 , de zoon H893 van Bebai H5973 ; en met H8083 hem acht H6242 en twintig H2145 manspersonen.
  12 H4480 En van H1121 de kinderen H5803 van Azgad H3110 , Johanan H1121 , de zoon H6997 van Katan H5973 ; en met H3967 hem honderd H6235 en tien H2145 manspersonen.
  13 H4480 En van H314 de laatste H1121 kinderen H140 van Adonikam H8034 , welker namen H428 deze H467 waren: Elifelet H3273 , Jehiel H8098 , en Semaja H5973 ; en met H8346 hen zestig H2145 manspersonen.
  14 H4480 En van H1121 de kinderen H902 van Bigvai H5793 , Uthai H2072 H2139 [H8675] en Zabbud H5973 ; en met H7657 hen zeventig H2145 manspersonen.
  15 H6908 [H8799] En ik vergaderde H413 hen aan H5104 de rivier H935 [H8802] , gaande H413 naar H163 Ahava H2583 [H8799] , en wij legerden ons H8033 aldaar H7969 drie H3117 dagen H995 [H8799] ; toen lette ik op H5971 het volk H3548 en de priesteren H4672 [H8804] , en vond H8033 aldaar H3808 geen H4480 van H1121 de kinderen H3878 van Levi.
  16 H7971 [H8799] Zo zond ik H461 tot Eliezer H740 , tot Ariel H8098 , tot Semaja H494 , en tot Elnathan H3402 , en tot Jarib H494 , en tot Elnathan H5416 , en tot Nathan H2148 , en tot Zacharja H4918 , en tot Mesullam H7218 , de hoofden H3114 ; en tot Jojarib H494 en tot Elnathan H995 [H8688] , de leraars;
  17 H6680 [H8762] En ik gaf H853 hun H3318 [H8686] bevel H5921 aan H112 Iddo H7218 , het hoofd H4725 in de plaats H3703 Chasifja H7760 [H8799] ; en ik leide H1697 de woorden H6310 in hun mond H1696 [H8763] , om te zeggen H413 tot H112 Iddo H251 , zijn broeder H5411 H5411 [H8675] , [en] de Nethinim H4725 , in de plaats H3703 Chasifja H935 [H8687] , dat zij ons brachten H8334 [H8764] dienaars H1004 voor het huis H430 onzes Gods.
  18 H935 [H8686] En zij brachten H2896 ons, naar de goede H3027 hand H430 onzes Gods H5921 over H376 ons, een man H7922 van verstand H4480 , van H1121 de kinderen H4249 van Mahli H1121 , den zoon H3878 van Levi H1121 , den zoon H3478 van Israel H8274 ; namelijk Serebja H1121 , met zijn zonen H251 en broederen H8083 H6240 , achttien;
  19 H2811 En Hasabja H853 , en met H3470 hem Jesaja H4480 , van H1121 de kinderen H4847 van Merari H251 , [met] zijn broederen H1121 , en hun zonen H6242 , twintig;
  20 H4480 En van H5411 Nethinim H1732 , die David H8269 en de vorsten H5656 ten dienste H3881 der Levieten H5414 [H8804] gegeven hadden H3967 , tweehonderd H6242 en twintig H5411 Nethinim H3605 , die allen H8034 bij namen H5344 [H8738] genoemd werden.
  21 H7121 H0 Toen riep ik H8033 aldaar H6685 een vasten H7121 [H8799] uit H5921 aan H5104 de rivier H163 Ahava H6031 [H8692] , opdat wij ons verootmoedigden H6440 voor het aangezicht H430 onzes Gods H4480 , om van H1245 [H8763] Hem te verzoeken H3477 een rechten H1870 weg H2945 , voor ons, en voor onze kinderkens H3605 , en voor al H7399 onze have.
  22 H3588 Want H954 [H8804] ik schaamde mij H4480 van H4428 den koning H2428 een heir H6571 en ruiters H7592 [H8800] te begeren H5826 [H8800] , om ons te helpen H341 [H8802] van den vijand H1870 , op den weg H3588 ; omdat H4428 wij tot den koning H559 [H8804] hadden gesproken H559 [H8800] , zeggende H3027 : De hand H430 onzes Gods H2896 is ten goede H5921 over H3605 allen H1245 [H8764] , die Hem zoeken H5797 , maar Zijn sterkte H639 en Zijn toorn H5921 over H3605 allen H5800 [H8802] , die Hem verlaten.
  23 H6684 [H8799] Alzo vastten wij H1245 [H8762] ; en verzochten H5921 H2063 zulks H4480 van H430 onzen God H6279 [H8735] ; en Hij liet zich van ons verbidden.
  24 H914 [H8686] Toen scheidde ik H8147 H6240 twaalf H4480 uit van H8269 de oversten H3548 der priesteren H8274 : Serebja H2811 , Hasabja H6235 , en tien H4480 van H251 hun broederen H5973 met hen.
  25 H8254 [H8799] En ik woog hun toe H3701 het zilver H2091 , en het goud H3627 , en de vaten H8641 , zijnde de offering H1004 van het huis H430 onzes Gods H4428 die de koning H3289 [H8802] en zijn raadsheren H8269 , en zijn vorsten H3605 , en gans H3478 Israel H4672 [H8737] , die er gevonden werden H7311 [H8689] , geofferd hadden;
  26 H8254 [H8799] Ik woog H5921 dan aan H3027 hun hand H8337 H3967 zeshonderd H2572 en vijftig H3603 talenten H3701 zilvers H3967 , en honderd H3701 zilveren H3627 vaten H3603 in talenten H2091 ; aan goud H3967 , honderd H3603 talenten;
  27 H6242 En twintig H2091 gouden H3713 bekers H505 , tot duizend H150 drachmen H8147 ; en twee H3627 vaten H6668 [H8716] van blinkend H2896 goed H5178 koper H2532 , begeerlijk H2091 als goud.
  28 H559 [H8799] En ik zeide H413 tot H859 hen: Gij H6944 zijt heilig H3068 den HEERE H3627 , en deze vaten H6944 zijn heilig H3701 ; ook dit zilver H2091 en dit goud H5071 , de vrijwillige gave H3068 , den HEERE H430 , den God H1 uwer vaderen.
  29 H8245 [H8798] Waakt H8104 [H8798] en bewaart H5704 het, totdat H8254 [H8799] gij het opweegt H6440 , in tegenwoordigheid H8269 van de oversten H3548 der priesteren H3881 en Levieten H8269 , en der vorsten H1 der vaderen H3478 van Israel H3389 , te Jeruzalem H3957 , in de kameren H3068 van des HEEREN H1004 huis.
  30 H6901 [H8765] Toen ontvingen H3548 de priesters H3881 en de Levieten H4948 het gewicht H3701 des zilvers H2091 en des gouds H3627 , en der vaten H935 [H8687] , om te brengen H3389 te Jeruzalem H1004 , ten huize H430 onzes Gods.
  31 H5265 [H8799] Alzo verreisden wij H4480 van H5104 de rivier H163 Ahava H8147 H6240 , op den twaalfden H7223 der eerste H2320 maand H3212 [H8800] , om te gaan H3389 naar Jeruzalem H3027 ; en de hand H430 onzes Gods H1961 [H8799] was H5921 over H5337 [H8686] ons, en redde H4480 ons van H3709 de hand H341 [H8802] des vijands H693 [H8802] , en desgenen, die [ons] lagen leide H5921 op H1870 den weg.
  32 H935 [H8799] En wij kwamen H3389 te Jeruzalem H3427 [H8799] ; en wij bleven H8033 aldaar H7969 drie H3117 dagen.
  33 H7243 Op den vierden H3117 dag H8254 [H8738] nu werd gewogen H3701 het zilver H2091 , en het goud H3627 , en de vaten H1004 , in het huis H430 onzes Gods H5921 , aan H3027 de hand H4822 van Meremoth H1121 , den zoon H223 van Uria H3548 , den priester H5973 , en met H499 hem Eleazar H1121 , de zoon H6372 van Pinehas H5973 ; en met H3107 hen Jozabad H1121 , de zoon H3442 van Jesua H5129 , en Noadja H1121 , de zoon H1131 van Binnui H3881 , de Levieten.
  34 H4557 Naar het getal H4948 en naar het gewicht H3605 van dat alles H3605 ; en het ganse H4948 gewicht H1931 werd ter zelfder H6256 tijd H3789 [H8735] opgeschreven.
  35 H1121 H1473 [En] de weggevoerden H4480 , die uit H7628 de gevangenis H935 [H8802] gekomen waren H7126 [H8689] , offerden H430 den God H3478 Israels H5930 brandofferen H8147 H6240 ; twaalf H6499 varren H5921 voor H3605 gans H3478 Israel H8337 , zes H8673 en negentig H352 rammen H7651 , zeven H7657 en zeventig H3532 lammeren H8147 H6240 , twaalf H6842 bokken H2403 ten zondoffer H3605 ; alles H5930 ten brandoffer H3068 den HEERE.
  36 H5414 [H8799] Daarna gaven zij H1881 de wetten H4428 des konings H4428 aan des konings H323 stadhouders H6346 en landvoogden H5676 aan deze zijde H5104 der rivier H5375 [H8765] ; en zij bevorderden H5971 het volk H1004 en het huis H430 Gods.