Ezekiel 36

DSV_Strongs(i)
  1 H1121 H120 En gij, mensenkind H5012 [H8734] ! profeteer H2022 tot de bergen H3478 Israels H559 [H8804] , en zeg H2022 : Gij bergen H3478 Israels H8085 [H8798] ! hoort H3068 des HEEREN H1697 woord.
  2 H559 [H8804] Alzo zegt H136 de Heere H3069 HEERE H341 [H8802] : Omdat de vijand H559 [H8804] van u zegt H1889 : Heah H5769 ! zelfs de eeuwige H1116 hoogten H4181 zijn ons ten erve geworden!
  3 H5012 [H8734] Daarom profeteer H559 [H8804] en zeg H559 [H8804] : Zo zegt H136 de Heere H3069 HEERE H5439 : Daarom, omdat men u van rondom H8074 [H8800] verwoest H7602 [H8800] en opgeslokt heeft H7611 , opdat gij voor het overblijfsel H1471 der heidenen H4181 ten erve H5927 [H8735] zoudt zijn, en gij gebracht zijt H3956 op de klapachtige H8193 lip H1681 en [in] opspraak H5971 des volks;
  4 H2022 Daarom, gij bergen H3478 Israels H8085 [H8798] ! hoort H1697 het woord H136 des Heeren H3069 HEEREN H559 [H8804] : Zo zegt H136 de Heere H3069 HEERE H2022 tot de bergen H1389 en tot de heuvelen H650 , tot de stromen H1516 en tot de dalen H8074 [H8802] , tot de verwoeste H2723 eenzame plaatsen H5800 [H8737] en tot de verlaten H5892 steden H957 , die tot een roof H3933 en tot een spot H7611 geworden zijn voor het overblijfsel H1471 der heidenen H5439 , die rondom zijn;
  5 H559 [H8804] Daarom, zo zegt H136 de Heere H3069 HEERE H784 : Zo Ik niet in het vuur H7068 Mijns ijvers H1696 [H8765] gesproken heb H7611 tegen het overblijfsel H1471 der heidenen H123 , en tegen het ganse Edom H776 ; die Mijn land H4181 zichzelven ten erve H5414 [H8804] gegeven hebben H8057 met blijdschap H3824 des gansen harten H7589 , met begerige H5315 plundering H4054 , opdat de landerij H957 daarvan ten rove zou zijn!
  6 H5012 [H8734] Daarom profeteer H127 van het land H3478 Israels H559 [H8804] , en zeg H2022 tot de bergen H1389 en tot de heuvelen H650 , tot de stromen H1516 en tot de dalen H559 [H8804] : Zo zegt H136 de Heere H3069 HEERE H7068 : Ziet, Ik heb in Mijn ijver H2534 en in Mijn grimmigheid H1696 [H8765] gesproken H3639 , omdat gij den smaad H1471 der heidenen H5375 [H8804] gedragen hebt;
  7 H559 [H8804] Daarom, zo zegt H136 de Heere H3069 HEERE H3027 : Ik heb Mijn hand H5375 [H8804] opgeheven H1471 ; zo niet de heidenen H5439 , die rondom H3639 u zijn, zelf hun schande H5375 [H8799] zullen dragen!
  8 H2022 Maar gij, o bergen H3478 Israels H6057 ! gij zult weder [uw] takken H5414 [H8799] geven H6529 , en uw vrucht H5971 voor Mijn volk H3478 Israel H5375 [H8799] dragen H7126 [H8765] , want zij naderen H935 [H8800] te komen.
  9 H6437 [H8804] Want ziet, Ik ben bij u, en Ik zal u aanzien H5647 [H8738] , en gij zult gebouwd H2232 [H8738] en bezaaid worden.
  10 H120 En Ik zal mensen H7235 [H8689] op u vermenigvuldigen H1004 , het ganse huis H3478 Israels H5892 , [ja], dat geheel; en de steden H3427 [H8738] zullen bewoond H2723 , en de eenzame plaatsen H1129 [H8735] bebouwd worden.
  11 H120 Ja, Ik zal mensen H929 en beesten H7235 [H8689] op u vermenigvuldigen H7235 [H8804] , en zij zullen vermenigvuldigd worden H6509 [H8804] en vruchtbaar zijn H3427 [H8689] ; en Ik zal u doen bewonen H6927 , als in uw vorige tijden H2895 [H8689] , ja, Ik zal het beter maken H7221 dan in uw beginselen H3045 [H8804] ; en gij zult weten H3068 , dat Ik de HEERE ben.
  12 H120 En Ik zal mensen H3212 [H8689] op u doen wandelen H5971 , [namelijk] Mijn volk H3478 Israel H3423 [H8804] , die zullen u erfelijk bezitten H5159 , en gij zult hun ter erfenis H3254 [H8686] zijn, en gij zult ze voortaan niet meer H7921 [H8763] beroven.
  13 H559 [H8804] Zo zegt H136 de Heere H3069 HEERE H559 [H8802] : Omdat zij tot u zeggen H120 : Gij zijt [een] [land], dat mensen H398 [H8802] opeet H1471 , en gij zijt [een] [land], dat uw volken H7921 [H8764] berooft;
  14 H120 Daarom zult gij niet meer mensen H398 [H8799] opeten H1471 , en uw volken H7921 H3782 [H8762] niet meer doen struikelen H5002 [H8803] , spreekt H136 de Heere H3069 HEERE.
  15 H3639 En Ik zal maken, dat men den schimp H1471 der heidenen H8085 [H8686] niet meer over u hore H2781 , en gij zult den smaad H5971 der natien H5375 [H8799] niet meer dragen H1471 ; en gij zult uw volken H3782 [H8686] niet meer doen struikelen H5002 [H8803] , spreekt H136 de Heere H3069 HEERE.
  16 H3068 Wijders geschiedde des HEEREN H1697 woord H559 [H8800] tot mij, zeggende:
  17 H1121 H120 Mensenkind H1004 ! het huis H3478 Israels H127 , als zij in hun land H3427 [H8802] woonden H2930 [H8762] , toen verontreinigden zij H1870 datzelve met hun weg H5949 en met hun handelingen H1870 ; hun weg H6440 was voor Mijn aangezicht H2932 als de onreinigheid H5079 ener afgezonderde [vrouw].
  18 H8210 [H8799] Daarom goot Ik H2534 Mijn grimmigheid H1818 over hen uit, om des bloeds H776 wil, dat zij in het land H8210 [H8804] vergoten hadden H1544 , en om hun drekgoden H2930 [H8765] , [waarmede] zij dat verontreinigd hadden.
  19 H6327 [H8686] En Ik verstrooide H1471 hen onder de heidenen H2219 [H8735] , en zij werden verspreid H776 in de landen H8199 [H8804] ; Ik oordeelde H1870 ze naar hun weg H5949 en naar hun handelingen.
  20 H1471 Als zij nu tot de heidenen H935 [H8799] kwamen H935 [H8804] , waarhenen zij getogen waren H2490 [H8762] , ontheiligden zij H6944 Mijn heiligen H8034 Naam H559 [H8800] , omdat men van hen zeide H5971 : Dezen zijn het volk H3068 des HEEREN H776 , en zijn uit Zijn land H3318 [H8804] uitgegaan.
  21 H2550 [H8799] Maar Ik verschoonde H6944 [hen] om Mijn heiligen H8034 Naam H1004 , dien het huis H3478 Israels H2490 [H8765] ontheiligde H1471 onder de heidenen H935 [H8804] , waarhenen zij gekomen waren.
  22 H559 [H8798] Daarom zeg H1004 tot het huis H3478 Israels H559 [H8804] : Zo zegt H136 de Heere H3069 HEERE H6213 [H8802] : Ik doe H1004 het niet om uwentwil, gij huis H3478 Israels H6944 ! maar om Mijn heiligen H8034 Naam H2490 [H8765] , dien gijlieden ontheiligd hebt H1471 onder de heidenen H935 [H8804] , waarhenen gij gekomen zijt.
  23 H1419 Want Ik zal Mijn groten H8034 Naam H6942 [H8765] heiligen H1471 , die onder de heidenen H2490 [H8794] ontheiligd is H8432 , dien gij in het midden H2490 [H8765] van hen ontheiligd hebt H1471 ; en de heidenen H3045 [H8804] zullen weten H3068 , dat Ik de HEERE H5002 [H8803] ben, spreekt H136 de Heere H3069 HEERE H5869 , als Ik aan u voor hun ogen H6942 [H8736] zal geheiligd zijn.
  24 H4480 Want Ik zal u uit H1471 de heidenen H3947 [H8804] halen H776 , en zal u uit al de landen H6908 [H8765] vergaderen H127 ; en Ik zal u in uw land H935 [H8689] brengen.
  25 H2889 Dan zal Ik rein H4325 water H2236 [H8804] op u sprengen H2891 [H8804] , en gij zult rein worden H2932 ; van al uw onreinigheden H1544 en van al uw drekgoden H2891 [H8762] zal Ik u reinigen.
  26 H2319 En Ik zal u een nieuw H3820 hart H5414 [H8804] geven H2319 , en zal een nieuwen H7307 geest H5414 [H8799] geven H7130 in het binnenste H68 van u; en Ik zal het stenen H3820 hart H1320 uit uw vlees H5493 [H8689] wegnemen H1320 , en zal u een vlesen H3820 hart H5414 [H8804] geven.
  27 H7307 En Ik zal Mijn Geest H5414 [H8799] geven H7130 in het binnenste H6213 [H8804] van u; en Ik zal maken H2706 , dat gij in Mijn inzettingen H3212 [H8799] zult wandelen H4941 , en Mijn rechten H8104 [H8799] zult bewaren H6213 [H8804] en doen.
  28 H3427 [H8804] En gij zult wonen H776 in het land H1 , dat Ik uw vaderen H5414 [H8804] gegeven heb H5971 , en gij zult Mij tot een volk H430 zijn, en Ik zal u tot een God zijn.
  29 H3467 [H8689] En Ik zal u verlossen H2932 van al uw onreinigheden H7121 [H8804] ; en Ik zal roepen H1715 tot het koren H7235 [H8689] , en zal dat vermenigvuldigen H7458 , en Ik zal geen honger H5414 [H8799] op u leggen.
  30 H6529 En Ik zal de vrucht H6086 van het geboomte H8570 en de inkomst H7704 des velds H7235 [H8689] vermenigvuldigen H2781 ; opdat gij de smaadheid H7458 des hongers H3947 [H8799] niet meer ontvangt H1471 onder de heidenen.
  31 H2142 [H8804] Dan zult gij gedenken H7451 aan uw boze H1870 wegen H4611 en uw handelingen H2896 , die niet goed H6962 H0 waren; en gij zult een walging H6440 van u zelf H6962 [H8738] hebben H5771 over uw ongerechtigheden H8441 en over uw gruwelen.
  32 H6213 [H8802] Ik doe H5002 [H8803] het niet om uwentwil, spreekt H136 de Heere H3069 HEERE H3045 [H8735] , het zij u bekend H954 [H8798] ! Schaamt u H3637 [H8734] en wordt schaamrood H1870 van uw wegen H1004 , gij huis H3478 Israels!
  33 H559 [H8804] Alzo zegt H136 de Heere H3069 HEERE H3117 : Ten dage H2891 [H8763] , als Ik u reinigen zal H5771 van al uw ongerechtigheden H5892 , dan zal Ik de steden H3427 [H8689] doen bewonen H2723 , en de eenzame plaatsen H1129 [H8738] zullen bebouwd worden.
  34 H8074 [H8737] En het verwoeste H776 land H5647 [H8735] zal bebouwd worden H8077 , in plaats dat het een verwoesting H5869 was, voor de ogen H5674 [H8802] van een ieder, die er doorging.
  35 H559 [H8804] En zij zullen zeggen H1977 : Dit H776 land H8074 [H8737] , dat verwoest was H1588 , is geworden als een hof H5731 van Eden H2720 ; en de eenzame H8074 [H8737] , en de verwoeste H2040 [H8737] en verstoorde H5892 steden H1219 [H8803] zijn vast H3427 [H8804] [en] bewoond.
  36 H1471 Dan zullen de heidenen H5439 , die in de plaatsen rondom H7604 [H8735] u zullen overgelaten zijn H3045 [H8804] , weten H3068 , dat Ik, de HEERE H2040 [H8737] , de verstoorde plaatsen H1129 [H8804] bebouw H8074 [H8737] , [en] het verwoeste H5193 [H8804] beplant H3068 . Ik, de HEERE H1696 [H8765] , heb het gesproken H6213 [H8804] en zal het doen.
  37 H559 [H8804] Alzo zegt H136 de Heere H3069 HEERE H1004 : Daarenboven zal Ik hierom van het huis H3478 Israels H1875 [H8735] verzocht worden H6213 [H8800] , dat Ik het hun doe H7235 [H8686] ; Ik zal ze vermenigvuldigen H120 van mensen H6629 , als schapen.
  38 H6944 Gelijk de geheiligde H6629 schapen H6629 , gelijk de schapen H3389 van Jeruzalem H4150 op hun gezette hoogtijden H2720 , alzo zullen de eenzame H5892 steden H4392 vol H6629 H120 zijn van mensenkudden H3045 [H8804] ; en zij zullen weten H3068 , dat Ik de HEERE ben.