Ezekiel 35

DSV_Strongs(i)
  1 H3068 Wijders geschiedde des HEEREN H1697 woord H559 [H8800] tot mij, zeggende:
  2 H1121 H120 Mensenkind H7760 [H8798] ! zet H6440 uw aangezicht H2022 tegen het gebergte H8165 Seir H5012 [H8734] , en profeteer tegen hetzelve,
  3 H559 [H8804] En zeg H559 [H8804] tot hetzelve: Alzo zegt H136 de Heere H3069 HEERE H2022 : Zie, Ik [wil] aan u, o gebergte H8165 Seir H3027 ! en Ik zal Mijn hand H5186 [H8804] tegen u uitstrekken H5414 [H8804] , en zal u stellen H4923 [tot] een verwoesting H8077 en een strik.
  4 H5892 Ik zal uw steden H7760 [H8799] stellen H2723 [tot] eenzaamheid H8077 , en gij zult een verwoesting H3045 [H8804] worden, en zult weten H3068 , dat Ik de HEERE ben.
  5 H5769 Omdat gij een eeuwige H342 vijandschap H1121 hebt, en hebt de kinderen H3478 Israels H5064 [H8686] doen wegvloeien H3027 door het geweld H2719 des zwaards H6256 , ten tijde H343 huns verderfs H6256 , ten tijde H7093 der uiterste H5771 ongerechtigheid;
  6 H2416 Daarom, [zo] [waarachtig] [als] Ik leef H5002 [H8803] , spreekt H136 de Heere H3069 HEERE H1818 ; Ik zal u voorzeker ten bloede H6213 [H8799] bereiden H1818 , en het bloed H7291 [H8799] zal u vervolgen H518 ; alzo H1818 gij het bloed H8130 [H8804] niet hebt gehaat H1818 , zal u het bloed H7291 [H8799] ook vervolgen.
  7 H2022 En Ik zal het gebergte H8165 Seir H8077 tot de uiterste H8077 verwoesting H5414 [H8804] stellen H3772 [H8689] ; en Ik zal uit hetzelve uitroeien H5674 [H8802] dien, die er doorgaat H7725 [H8802] , en dien, die wederkeert.
  8 H2022 En Ik zal zijn bergen H2491 met zijn verslagenen H4390 [H8765] vervullen H1389 ; uw heuvelen H1516 , en uw dalen H650 , en al uw stromen H2491 , in dezelve zullen de verslagenen H2719 van het zwaard H5307 [H8799] liggen.
  9 H5769 [Tot] eeuwige H8077 verwoestingen H5414 [H8799] zal Ik u stellen H5892 , en uw steden H7725 H3427 [H8799] zullen niet bewoond worden H3045 [H8804] ; alzo zult gij weten H3068 , dat Ik de HEERE ben.
  10 H559 [H8800] Omdat gij zegt H8147 : Die twee H1471 volken H8147 en die twee H776 landen H3423 [H8804] zullen mij geworden, en wij zullen ze erfelijk bezitten H3068 , ofschoon de HEERE daar ware;
  11 H2416 Daarom, [zo] [waarachtig] [als] Ik leef H5002 [H8803] , spreekt H136 de Heere H3069 HEERE H6213 [H8804] : Ik zal ook handelen H639 naar uw toorn H7068 en naar uw nijdigheid H8135 , die gij uit uw haat H6213 [H8804] tegen hen hebt te werk gesteld H3045 [H8738] ; en Ik zal bij hen bekend worden H8199 [H8799] , wanneer Ik u zal gericht hebben.
  12 H3045 [H8804] En gij zult weten H3068 , dat Ik, de HEERE H5007 , al uw lasteringen H8085 [H8804] gehoord heb H2022 , die gij tegen de bergen H3478 Israels H559 [H8804] gesproken hebt H559 [H8800] , zeggende H8074 H8077 [H8804] : Zij zijn verwoest H402 , zij zijn ons ter spijze H5414 [H8738] gegeven.
  13 H6310 Alzo hebt gij u met uw mond H1431 [H8686] tegen Mij groot gemaakt H1697 , en uw woorden H6280 [H8689] tegen Mij vermenigvuldigd H8085 [H8804] ; Ik heb het gehoord.
  14 H559 [H8804] Alzo zegt H136 de Heere H3069 HEERE H776 : Gelijk het ganse land H8055 [H8800] verblijd is H8077 , [alzo] zal Ik u de verwoesting H6213 [H8799] aandoen.
  15 H8057 Gelijk gij u verblijd hebt H5159 over de erfenis H1004 van het huis H3478 Israels H8074 [H8804] , omdat zij verwoest is H6213 [H8799] , alzo zal Ik aan u doen H2022 ; het gebergte H8165 van Seir H123 , en gans Edom H8077 , zal geheel een verwoesting H3045 [H8804] worden; en zij zullen weten H3068 , dat Ik de HEERE ben.