2 Chronicles 33

DSV_Strongs(i)
  1 H4519 Manasse H8147 H6240 was twaalf H8141 jaren H1121 oud H4427 [H8800] , als hij koning werd H4427 [H8804] , en regeerde H2568 vijf H2572 en vijftig H8141 jaren H3389 te Jeruzalem.
  2 H6213 [H8799] En hij deed H7451 dat kwaad H5869 was in de ogen H3068 des HEEREN H8441 , naar de gruwelen H1471 der heidenen H834 , die H3068 de HEERE H4480 voor H6440 het aangezicht H1121 der kinderen H3478 Israels H3423 [H8689] uit de bezitting verdreven had.
  3 H1129 [H8799] Want hij bouwde H1116 de hoogten H7725 [H8799] weder H834 op, die H1 zijn vader H3169 Jehizkia H5422 [H8765] afgebroken had H6965 H0 , en richtte H1168 den Baals H4196 altaren H6965 [H8686] op H6213 [H8799] , en maakte H842 bossen H7812 [H8691] , en boog zich neder H3605 voor al H6635 het heir H8064 des hemels H5647 [H8799] , en diende H853 ze;
  4 H1129 [H8804] En bouwde H4196 altaren H1004 in het huis H3068 des HEEREN H834 , van hetwelk H3068 de HEERE H559 [H8804] gezegd had H3389 : Te Jeruzalem H8034 zal Mijn Naam H1961 [H8799] zijn H5769 tot in eeuwigheid.
  5 H1129 [H8799] Daartoe bouwde hij H4196 altaren H3605 voor al H6635 het heir H8064 des hemels H8147 , in beide H2691 de voorhoven H1004 van het huis H3068 des HEEREN.
  6 H1931 En hij H5674 H0 deed H1121 zijn zonen H784 door het vuur H5674 [H8689] gaan H1516 , in het dal H1121 des zoons H2011 van Hinnom H6049 [H8782] , en pleegde guichelarij H5172 [H8765] , en gaf op vogelgeschrei acht H3784 [H8765] , en toverde H6213 [H8804] , en hij stelde H178 waarzeggers H3049 en duivelskunstenaren H6213 [H8800] ; en hij deed H7235 [H8689] [zeer] veel H7451 kwaads H5869 in de ogen H3068 des HEEREN H3707 [H8687] , om Hem tot toorn te verwekken.
  7 H7760 [H8799] Hij stelde H6459 ook de gelijkenis H5566 van een gesneden beeld H834 , die H6213 [H8804] hij gemaakt had H1004 , in het huis H430 Gods H834 , van hetwelk H430 God H559 [H8804] gezegd had H413 tot H1732 David H413 en tot H1121 zijn zoon H8010 Salomo H2088 : In dit H1004 huis H3389 , en te Jeruzalem H834 , dat H4480 Ik uit H3605 alle H7626 stammen H3478 van Israel H977 [H8804] verkoren heb H8034 , zal Ik Mijn Naam H7760 [H8799] zetten H5865 tot in eeuwigheid.
  8 H7272 En Ik zal den voet H3478 van Israel H3808 niet H3254 [H8686] meer H5493 [H8687] doen wijken H4480 H5921 van H127 het land H834 , dat H1 Ik uw vaderen H5975 [H8689] besteld heb H7535 ; alleenlijk H518 zo H8104 [H8799] zij waarnemen H6213 [H8800] te doen H3605 , al H834 hetgeen H6680 [H8765] Ik hun geboden heb H3605 , naar de ganse H8451 wet H2706 , en inzettingen H4941 , en rechten H3027 , door de hand H4872 van Mozes.
  9 H8582 H0 Zo deed H4519 Manasse H3063 Juda H3427 [H8802] en de inwoners H3389 te Jeruzalem H8582 [H8686] dwalen H7451 , dat zij erger H6213 [H8800] deden H4480 dan H1471 de heidenen H834 , die H3068 de HEERE H4480 voor H6440 het aangezicht H1121 der kinderen H3478 Israels H8045 [H8689] verdelgd had.
  10 H3068 De HEERE H1696 [H8762] sprak H413 wel tot H4519 Manasse H413 en tot H5971 zijn volk H7181 H0 ; maar zij merkten H3808 daar niet H7181 [H8689] op.
  11 H935 [H8686] Daarom bracht H3068 de HEERE H5921 over H8269 H6635 hen de krijgsoversten H834 , die H4428 de koning H804 van Assyrie H4519 had, dewelke Manasse H3920 [H8799] gevangen namen H2336 onder de doornen H631 [H8799] ; en zij bonden H5178 hem met twee koperen ketenen H3212 [H8686] , en voerden H894 hem naar Babel.
  12 H6887 [H8687] En als hij hem benauwde H2470 [H8765] , bad hij H6440 het aangezicht H3068 des HEEREN H430 , zijns Gods H3665 [H8735] , ernstelijk aan, en vernederde zich H3966 zeer H4480 voor H6440 het aangezicht H430 van den God H1 zijner vaderen,
  13 H6419 H413 [H8691] En bad H6279 [H8735] Hem; en Hij liet Zich van hem verbidden H8085 [H8799] , en hoorde H8467 zijn smeking H7725 [H8686] , en Hij bracht hem weder H3389 te Jeruzalem H4438 , in zijn koninkrijk H3045 [H8799] . Toen erkende H4519 Manasse H3588 , dat H3068 de HEERE H430 God H1931 is.
  14 H310 En na H3651 dezen H1129 [H8804] bouwde hij H2346 H2435 den buitenmuur H5892 aan de stad H1732 Davids H4628 , aan de westzijde H1521 van Gihon H5158 in het dal H935 [H8800] , en tot den ingang H1709 H8179 van de Vispoort H5437 [H8804] , en omsingelde H6077 Ofel H1361 [H8686] , en verhief H3966 dien zeer H7760 [H8799] ; hij leide H8269 H2428 ook krijgsoversten H3605 in alle H1219 [H8803] vaste H5892 steden H3063 in Juda.
  15 H5493 H0 En hij nam H5236 de vreemde H430 goden H5566 en die gelijkenis H4480 uit H1004 het huis H3068 des HEEREN H5493 [H8686] weg H3605 , mitsgaders al H4196 de altaren H834 , die H1129 [H8804] hij gebouwd had H2022 op den berg H1004 van het huis H3068 des HEEREN H3389 , en te Jeruzalem H7993 [H8686] ; en hij wierp H2351 ze buiten H5892 de stad.
  16 H1129 H0 En hij richtte H4196 het altaar H3068 des HEEREN H1129 [H8799] toe H2076 [H8799] , en offerde H5921 daarop H8002 H2077 dankofferen H8426 en lofofferen H559 [H8799] , en zeide H3063 tot Juda H3068 , dat zij den HEERE H430 , den God H3478 Israels H5647 [H8800] , dienen zouden.
  17 H61 Maar H5971 het volk H2076 [H8802] offerde H5750 nog H1116 op de hoogten H7535 , hoewel H3068 aan den HEERE H430 , hun God.
  18 H3499 Het overige H1697 nu der geschiedenissen H4519 van Manasse H8605 , en zijn gebed H413 tot H430 zijn God H1697 , ook de woorden H2374 der zieners H413 , die tot H1696 [H8764] hem gesproken hebben H8034 in den Naam H3068 van den HEERE H430 , den God H3478 Israels H2009 , ziet H5921 , die zijn in H1697 de geschiedenissen H4428 der koningen H3478 van Israel;
  19 H8605 En zijn gebed H6279 [H8736] , en hoe [God] Zich van hem heeft laten verbidden H3605 , ook al H2403 zijn zonde H4604 , en zijn overtreding H4725 , en de plaatsen H834 , waarop H1116 hij hoogten H1129 [H8804] gebouwd H842 , en bossen H6456 en gesneden beelden H5975 [H8689] gesteld heeft H6440 , eer H3665 [H8736] hij vernederd werd H2009 , ziet H3789 [H8803] , dat is beschreven H5921 in H1697 de woorden H2374 H2335 [H8676] der zieners.
  20 H4519 En Manasse H7901 [H8799] ontsliep H5973 met H1 zijn vaderen H6912 [H8799] , en zij begroeven H1004 hem in zijn huis H1121 ; en zijn zoon H526 Amon H4427 [H8799] werd koning H8478 in zijn plaats.
  21 H526 Amon H8147 was twee H6242 en twintig H8141 jaren H1121 oud H4427 [H8800] , als hij koning werd H4427 [H8804] , en regeerde H8147 twee H8141 jaren H3389 te Jeruzalem.
  22 H6213 [H8799] En hij deed H7451 dat kwaad H5869 was in de ogen H3068 des HEEREN H834 , gelijk als H1 zijn vader H4519 Manasse H6213 [H8804] gedaan had H526 ; want Amon H2076 [H8765] offerde H3605 al H6456 den gesneden beelden H834 , die H1 zijn vader H4519 Manasse H6213 [H8804] gemaakt had H5647 [H8799] , en diende ze.
  23 H3665 [H8738] Maar hij vernederde zich H3808 niet H4480 voor H6440 het aangezicht H3068 des HEEREN H4519 , gelijk Manasse H1 , zijn vader H3665 [H8736] , zich vernederd had H3588 ; maar H1931 deze H526 Amon H7235 [H8689] vermenigvuldigde H819 de schuld.
  24 H5650 En zijn knechten H7194 [H8799] maakten een verbintenis H5921 tegen H4191 [H8686] hem, en doodden H1004 hem in zijn huis.
  25 H5971 Maar het volk H776 des lands H5221 [H8686] sloeg H3605 hen allen H7194 H0 , die de verbintenis H5921 tegen H4428 den koning H526 Amon H7194 [H8802] gemaakt hadden H5971 ; en het volk H776 des lands H4427 H0 maakte H1121 zijn zoon H2977 Josia H4427 [H8686] koning H8478 in zijn plaats.